Recensies

Vrijdag 26 Augustus 2016 - 10:28:00

Recensies 2015

Dankbaar voor wie je was

Ebbinge, B., Dankbaar voor wie je was. Teksten bij afscheid en uitvaart, Uitgeverij Kok, Utrecht, 2011, 95 p.
ISBN 978 90 435 1892 5

B.W. Ebbinge reikt met dit boekje een bloemlezing aan van citaten die woorden trachten te geven aan het gevoel dat mensen overkomt bij het afscheid van een geliefde. Anders dan de hoofdtitel laat vermoeden, blijken uit de teksten meer schakeringen dan gevoelens van dankbaarheid. Een aantal citaten drukt het verdriet in volle hevigheid uit, tracht troost te bieden in tijden van alomvattende rouw of is eerder van bezinnende aard.

De teksten zijn telkens genomen uit overlijdensadvertenties en geven als dusdanig een mooi beeld van de woorden waarin mensen zin en betekenis zoeken in deze veelkleurige samenleving. De meeste citaten zijn in het Nederlands, maar er zitten ook enkele Duitse en Engelse teksten tussen. Een aantal is afkomstig uit de Bijbel. Het gaat concreet om een drietal teksten uit de brieven van Paulus, de afscheidswoorden van Jezus uit het evangelie van Johannes (Joh 19,30) en vijf citaten uit de Psalmen. Daarnaast treft men ook wat inspiratie vanuit andere levensbeschouwingen aan (Bhagavad-Gita en Lao-Tse). Verder leest men woorden van een aantal filosofen (Plato en Nietzsche), psychologen (Kübler-Ross), muzikanten (Bach en Wagner), schrijvers (Henry James, J.K. Rowling, J.R.R. Tolkien) en dichters (Fernando Pessoa, Ed Hoornik, Roland Holst, M. Vasalis, Ida Gerhardt). Tot slot vindt men ook een aantal anonieme citaten terug van mensen zoals u en ik. Het is betekenisvol dat deze op dezelfde hoogte staan als de voornoemde woorden. Een ordening van de citaten per thema ontbreekt. Maar dat gegeven drukt tegelijkertijd net iets uit dat intrinsiek is aan verdriet en rouw: het raakt je in alle hevigheid en er is vaak een heel lang proces nodig om vanuit de chaos terug wat orde te scheppen.

Op het vlak van vormgeving kan men verwijzen naar de symbolen die hier en daar op de achtergrond van teksten verschijnen. Eenmaal gaat het om een blad dat naar de vergankelijkheid van het leven zou kunnen verwijzen. Tweemaal treft men een zon aan. De arend keert echter het vaakst terug, wellicht geïnspireerd door het allerlaatste citaat in het boek: "Fly like an eagle". Of had de samensteller Dt 32,11 in het achterhoofd, waarin JHWH in zijn bekommernis om het volk Israël vergeleken wordt met een arend die zijn jongen draagt?

Dit boek spreekt woorden van herkenning voor mensen die geconfronteerd worden met lijden. Pastores die rouwenden individueel of in groep ontmoeten, vinden in dit boek alvast een hint naar de diversiteit aan emoties die mensen kan treffen op momenten van verlies. Uitvaartdiensten en drukkerijen die mensen citaten willen aanreiken voor op een grafsteen, urne of gebedsprentje beschikken met dit boek over een rijk en gevarieerd aanbod. Ook binnen gezinnen, zingevingsgroepen en in schoolverband kunnen de citaten een aanknopingspunt zijn om lijden, dood en vergankelijkheid ter sprake te brengen.

Valérie Kabergs

top

Spiegelingen

Vliegen N. en Van Lier, L., Spiegelingen. Uit het notitieboekje van de therapeut, Uitgeverij Acco, Leuven - Den Haag, 2013, 191 p.
ISBN 978 90 334 9175 7

"Vertellen is herstellen" (Luuk Gruwez) prijkt als één van de spiegelingen in het notitieboekje dat is samengesteld door verschillende therapeuten uit Vlaanderen en Nederland. In hun dagdagelijkse praktijk mogen therapeuten inderdaad dikwijls ervaren hoe helend het voor mensen kan zijn om hun levensverhaal te herschrijven. Dat diepgaande contact met kwetsbare mensen maakt tegelijkertijd dat therapeuten - en bij uitbreiding al wie in de zorg van anderen investeert - er ook over dienen te waken om zichzelf af en toe een spiegel voor te houden. Een spiegel die toelaat om voldoende zelfzorg aan de dag te leggen. De aangereikte spiegelingen bevatten alvast enkele woorden van dichters, schrijvers en filosofen die mensen toelaten om te herbronnen en in hun kracht te blijven staan.

De verzamelde uitspraken zijn niet confessioneel gekleurd en daarmee voor ieder toegankelijk. Nu eens gaat het om een citaat, dan om een langere tekst uit de literatuur, een lied of film. Heel handig en waardevol is de bronnenlijst helemaal achteraan het boek. De spiegelingen zijn geordend in acht categorieën die niet in één woord te karakteriseren zijn. Thema's als tijd, levensverlangen, verbondenheid, groeikracht, verlies, angst en verwondering komen aan bod. Aan elk van de acht onderwerpen gaat een inleiding vooraf die het tweevoudige doel van het notitieboekje aanraakt: welke rol kunnen deze woorden spelen in de (therapeutische) begeleiding van mensen en in het leven van ieder van ons? De ordening van de spiegelingen onder een bepaald thema is soms wat arbitrair, maar dat geven de redacteurs zelf ook aan in hun voorwoord. In elk geval zijn de trefwoorden helpend wanneer men op relatief korte tijd een geschikte tekst wil vinden.

Het notitieboekje is geen lectuur die bedoeld is om in één hap te verslinden. In dat geval zou de rijkdom ervan wellicht verloren gaan. Ik zou het eerder bij de hand nemen wanneer ik de nood voel om zelf gedragen te worden of steun zoek in mijn verlangen om anderen te dragen. Bij hen die ons zijn voorgegaan in dezelfde levenszoektocht vertoeven we alvast in goed gezelschap En zoals het een notitieschriftje betaamt, wordt ieder die het (her)leest ook uitgenodigd om er zelf aan verder te schrijven.

"You have to carry the fire. (…) Where is it? I don't know where it is. Yes you do. It's inside you" (Cormac McCarthy). In tijden waarin meer en meer zorgdragers kampen met een burn-out, wordt het des te urgenter om het vuur in zich brandende te houden. De spiegelingen uit het besproken notitieboekje reiken daar alvast een mogelijke weg toe aan.

Valérie Kabergs

Meer informatie vind je bij uitgeverij Acco top

Kinderdromen

Adriaenssens, P. Beeckman, T., Callebaut, J. en Beel, V., Kinderdromen. Wat kinderen echt willen voor ze 12 zijn, Uitgeverij Lannoo nv, Tielt, 190 p.
ISBN 978 94 014 1875 1


"Wat wil jij zeker doen voor je 12 bent?". Met die vraag trok Ketnet naar hun doelpubliek, meer bepaald naar 100 000 kinderen. In het boek "Kinderdromen" staan u te woord: Peter Adriaenssens, Leuvens kinder-en jeugdpsychiater en vader van vier dochters; Jan Callebaut, eminent marktonderzoeker, columnist voor De Morgen en vernieuwer bij de VRT; Tinneke Beeckman, filosofe en schrijfster voor De Standaard; en Veerle Beel, journalist en columnist bij De Standaard.

Na een inleiding door de netmanager van Ketnet, Wouter Quartier, over de uitleg van het project "De checklist", komen er 10 hoofdstukken – endus ook thema's – aan bod. Elk thema wordt ondersteund door de bijdrage van een of twee personen met inhoudelijke expertise. Dromen is toveren, over vrijheid en grenzen aftasten, over vriendschap en liefde, over ouders en grootouders, over samen leven en samenleven, over pesten en pesterijen, over werken en beroemd zijn, over perfectie en faalangst, over verdriet en gemis en, ten slotte, over armoede en alles willen hebben. De titel van elk hoofdstuk bevat telkens ook een quote, een droom van een kind.

Doorheen het hele boek zijn antwoorden van kinderen te lezen op die belangrijke vraag wat ze willen doen voor ze 12 zijn, alsook prachtige foto's van kinderne die hun droom aan het uitvoeren zijn. Het project "De checklist" van Ketnet is ontwikkeld om te weten te komen waarvan kinderen dromen én hen te motiveren om deze dromen waar te maken. Het resulteerde, zonder dat dit initieel de bedoeling was, in een Ketnet-programma dat echt aansloeg bij de kinderen. Als lezer valt er je meteen iets op. Tinneke Beeckman noemt het "de grotere mentale vrijheid van kinderen". De kinderen hebben de wildste dromen, gaande van "me veranderen in een tijger" over "lijm in de onderbroek van mijn broer doen" tot "de eerste minderjarige vrouw op de maan zijn". Ze kunnen écht dromen, en daar kunnen wij volwassenen nog véél van leren!

Evelien Luts

Meer informatie vind je bij uitgeverij Lannoo top

Hotel pardon

De Cock, J. Hotel pardon. Wereldverhalen over verzoening, Uitgeverij Lannoo nv, Tielt, 344 p.
ISBN 978 94 014 2183 6

Jan De Cock is ziekenhuispastor in het Universitair Ziekenhuis van Antwerpen. Eerder schreef hij het boek Doodgelukkig Leven, waarin hij mensen aan hun sterfbed bezoekt en hun verhalen neerschrijft. Hij is ook auteur van het boek Hotel Prison, waarin hij zijn bezoek aan gevangenen in 160 gevangenissen wereldwijd beschrijft. In het boek dat hij nu schreef, Hotel Pardon, kijkt hij eens een keer niet vanuit de kant van de gevangenen, maar wel van die van de slachtoffers.

De Cock merkte dat vergeving en verzoening belangrijke thema's zijn op iemands sterfbed. Voor dit boek reisde hij de wereld rond om te spreken met slachtoffers van gruwelijke feiten, voor wie gerechtigheid lang gelijk stond aan wraak. Toch kozen deze mensen uiteindelijk ook voor vergeving en verzoening, niet toevallig de thema's die de auteur eerder al opmerkte bij mensen op hun sterfbed.

De auteur spreekt zelf over het kleurrijke palet dat vergeving kent, en dit weerspiegelt zich in de hoofdstukken. Elk hoofdstuk is gekoppeld aan de kleur die het meest toepasselijk is voor dat verhaal. In het boek staan de verhalen van de slachtoffers van 15 misdaden uitvoerig beschreven, waarbij speciale aandacht gaat naar de manier waarop ze tot vergeving van de dader(s) gekomen zijn. De Cock bezoekt onder andere de nabestaanden van de vermoorde Gerrit Jan Heijn, de kleinzoon van de beroemde Albert Heijn, 2 weduwes van slachtoffers van de aanslag van 9/11 en mensen wiens kind vermoord is door Anders Breivik in Noorwegen.

Het is hartverwarmend om te lezen hoe deze mensen niet alleen 'hun' dader(s) vergeven hebben, maar ook hoe ze Jan De Cock met open armen en hart ontvangen. Bij enkele verhalen is zelfs een recept bijgevoegd van gerechten die hij voorgeschoteld kreeg door de mensen die hij bezocht. In het midden van het boek zijn tevens foto's terug te vinden van zijn ontmoetingen. Het is een boek over de kracht van vergeven, voor iedereen die eens een andere kijkt wilt krijgen op daders, slachtoffers en vergiffenis.

Evelien Luts

Meer informatie vind je bij uitgeverij Lannoo top

Het kind van onze dromen

Vanobbergen, Bruno, Het kind van onze dromen, Uitgeverij Lannoo nv, Tielt, 235 p.
ISBN 978 94 014 1847 8

Bruno Vanobbergen is doctor in de Pedagogische Wetenschappen en sinds juni 2009 de Vlaamse kinderrechtencommissaris. Hij is tevens gastdocent en onderzoeker aan de Universiteit Gent en schrijft voor zowel nationale als internationale tijdschriften artikels over kinderrechten en de geschiedenis van kinderen. Naar aanleiding van de 25e verjaardag van het kinderrechtenverdrag, in november vorig jaar, schreef hij het boek 'Het kind van onze dromen', over de status van kinderen in onze hedendaagse samenleving.

Vanobbergen heeft het over de stille revolutie die zich de laatste 25 jaren afspeelde, waarin kinderen een belangrijkere plek kregen in de samenleving en een stem kregen. Het boek is onderverveeld in 3 grote delen en elk deel telt een 3-tal hoofdstukken. In het eerste deel, Kinderen zijn ons project, wordt de aandacht voor kinderrechten in een historisch perspectief geplaatst. Het gaat over de pedagogisering (kinderen beschermen), de medicalisering (kinderen ontwikkelen) en de commercialisering (kinderen gelukkig maken). Deel twee gaat over bezorgdheden, problemen en frustraties. Hoe moeten we omgaan met en reageren op kinderen die meer en meer hun rechten opeisen? De auteur heeft het over kinderen die veranderen doorheen de tijd. We moeten hier niet naar kijken vanuit een nostalgie naar onze eigen kindertijd, maar vanuit de kinderen van vandaag. Het derde deel gaat ten slotte over hoe kinderrechten effectief bijdragen tot een betere omgang van volwassenen met kinderen en omgekeerd. Hoe kunnen we méér halen uit de kinderrechten? Het boek wordt afgesloten met 2 denkoefeningen: over geweld op school (en de bescherming van de integriteit van kinderen) en over hoe (on)denkbaar stemrecht voor kinderen is.

Op een bevattelijke manier schetst de auteur in 'Het kind van onze dromen' door middel van korte paragrafen allerlei materiaal over hoe onze samenleving naar kinderen kijkt. De hoofdstukken worden voorzien van een mooie voorpagine met bijhorende prent of foto. Tussen de paragrafen door worden in grijze kaders voorbeelden of verdiepingen op de teksten voorzien. De gebruikte bronnen worden uitgebreid aangegeven. Het boek is een aanrader voor iedereen met interesse in pedagogie en kinderrechten, en bij uitbreiding voor iedereen die met kinderen omgaat.

Evelien Luts

Meer info vind je bij uitgeverij Lannoo top

Kleine voeten op grote wegen

Van der Vloet Johan en Cornu Ilse, Kleine voeten op grote wegen, warme avondmomenten met je kind, Antwerpen, Halewijn, 2014, 56 p.
ISBN 987 90 8528 298 3

Dit kleine boekje geeft gespreksstof mee om in dialoog te gaan met kinderen. Een ludieke strip en een Bijbelverhaal worden naast elkaar gelegd rond een vraag die leeft bij kinderen.

Het is fijn dat deze vragen het uitgangspunt zijn want net dat maakt het herkenbaar voor kinderen. We horen hen zeggen: "dat heb ik me nu ook al vaak afgevraagd".

In het stripverhaal gaat een ouder vaak in gesprek met een kind. We zouden als tip willen meegeven dat het goed is om je kind het verhaal zelf te laten (voor)lezen. Als je het samen leest, neem zelf dan eens de rol van kind in en laat je kind het antwoord van de ouder voorlezen. Deze dynamiek opent de mogelijkheid voor kinderen om na te gaan wat ze nu eigenlijk denken van die antwoorden van volwassenen, vinden ze dit een zinvol antwoord of willen ze er graag zelf een eigen antwoord of nieuwe vraag bijleggen.

Dit boekje kan en mag niet werken als lesstof, let op met de klassieke moraal-van-het-verhaal-valkuil. Kinderen kunnen ervan genieten om met nog meer vragen dan antwoorden te gaan slapen zodat ze kunnen dromen over een eigen vervolg, hun eigen geloofsverhaal.

Omdat elk thema eindigt met een gebed en een zegen biedt dit boekje kansen om vanuit de warme avondmomenten samen spontaan te bidden en elkaar een zegen cadeau te doen. Voor wie hiermee niet vertrouwd is, is dit een geschenk: samen stappen met kleine en grote voeten op nog niet eerder bewandelde wegen.

An Mollemans

Meer info vind je bij Halewijn top

Recensies voor Rondom Gezin - 2014

Het leven en hoe wij er afscheid van nemen

Rubbens, L., Het leven en hoe wij er afscheid van nemen, Davidsfonds Uitgeverij, Leuven, 254 p.
ISBN 978 90 5908 555 8


In een maatschappij waar sterven toch nog altijd wat als het falen van de geneeskunde gezien wordt, neemt Lut Rubbens ons mee naar haar werkplek, de palliatieve eenheid van het UZ Leuven. Een plek waar, anders dan elders, de dood tastbaar en bespreekbaar is. En ze laat ons niet aan de deur staan. We worden uitgenodigd om voorzichtig, schroomvol, de heilige grond van de ziekenhuiskamers te betreden en er te delen in de intimiteit, de vragen, de angst, het verdriet, de verwarring en de kwaadheid van de patiënten en hun naasten. Tegelijkertijd geeft de auteur ons ook een inkijk in haar eigen gevoelens. Ze doet zich niet voor als een of andere "superverpleegkundige", maar in de eerste plaats als een milde, raakbare mens. Ze vertelt open over haar eigen worstelen met het verdriet van anderen, het botsen op haar eigen grenzen en de confrontatie met haar eigen kwetsbaarheid. In klimaat waar alles perfect hoort te zijn, is haar mildheid deugddoend. Niet als een laissez-faire, maar als een geruststelling en tegelijkertijd een aanmoediging om even op adem te komen en dan met frisse moed weer naar de patiënten te gaan.

Het leven en hoe wij er afscheid van nemen is geen boek om in één ruk uit te lezen. Daarvoor is het te intens. Het is een boek om in te verwijlen, om binnen te treden in de laatste levensfase van mensen en je te laten raken. Om af en toe een traan weg te pinken ook. Het is evenmin een boek met praktische tips, geen handleiding voor bij het sterfbed. Maar de klemtoon op de spirituele en existentiële noden van mensen biedt wel verrassende perspectiefwissels. Zo krijgen verschillende vormen van "lastig" gedrag plots een heel andere invulling. Er wordt verder gekeken dan het gedrag. Rubbens doet op eenvoudige en respectvolle manier de binnenkant van de mens oplichten. De onderverdeling van het existentiële lijden van mensen in vijf verschillende invalshoeken mag dan, zoals de auteur zelf ook zegt, wat kunstmatig zijn, ze is in elk geval zinvol om de verschillende deelaspecten helder en evenwichtig aan bod te laten komen.

Het is een boek dat ik zal koesteren. Een boek om af en toe eens ter hand te nemen en te delen met mijn collega's in het woonzorgcentrum. Want ook al zijn de leeftijd van de patiënten en de duur van opname (meestal) verschillend, toch merk ik heel duidelijke overeenkomsten met het wonen en leven in een woonzorgcentrum waar bewoners ook stilaan afscheid nemen van het leven.

Annelies Muys

Meer info vind je bij Uitgeverij Davidsfonds top

Elke dag een nieuw begin. Bijbels dagboek voor kinderen

Lucado M., bewerkt door Tama Fortner, Elke dag een nieuw begin. Bijbels dagboek voor kinderen, Ark Media, Amsterdam, 2013, 397p.
978-90-33832-43-7

Het boek 'Elke dag een nieuw begin' wordt voorgesteld als een bijbels dagboek voor kinderen vanaf acht jaar. Het dagboek is een bewerking van Lucado's dagboek 'Leven uit genade'. Voor elke dag van het jaar is er een bijbelpassage voorzien. Daarbij past een overweging en verwerkingsopdracht. Het is de bedoeling dat kinderen zelf aan de slag kunnen met dit boek, of dat het in het gezin kan gebruikt worden.

De Amerikaanse christelijke schrijver Max LUCADO (°1955) is dominee in de Oak Hills Church in San Antonio, Texas. Hij behaalde een 'masters degree in biblical and related studies'. De kans dat u al eerder boeken van Lucado in de boekhandel vond, is groot. Hij schreef er al meer dan vijftig, die vertaald werden in meer dan 54 verschillende talen. Wereldwijd verkocht hij al om en bij 92 miljoen exemplaren. Zijn schrijfstijl wordt omschreven als 'een stijl van korte zinnen en diepgaande gedachten die zowel jongeren als ouderen aanspreekt'.
Het is niet eenvoudig om met kinderen in gesprek te gaan over evangelieverhalen, laat staan over bijbelse brieffragmenten. Hoe verwoord je die omvormende kracht die zo sterk weerklinkt uit de verhalen? Het is een kracht die tegelijkertijd vervreemdt – het gaat niet om menselijke logica, die uitdaagt – het choqueert – en die oproept – het is nu of nooit. De bijbelse verhalen en metaforen zijn allereerst bedoeld om de diepte van het eigen leven te (her-)ontdekken. In de praktijk echter verzanden bijbelgesprekken met kinderen vaak in weliswaar toffe en creatieve knutselrondes, of wordt Jezus gespiegeld aan een barmhartige eekhoorn en worden de verhalen net zeer sterk gemoraliseerd.

Het bijbels dagboek waagt zich aan een gedurfde onderneming. Het beperkt zich bij de keuze van bijbelpassages niet tot de bekende oudtestamentische en nieuwtestamentische verhalen, wat kinderbijbels en jongerenbijbels in ons taalgebied wel vaak doen. Het dagboek plukt uit zowat alle onderdelen van het Oude en Nieuwe Testament korte tekstfragmenten, verhaal en brief. De gekozen tekstfragmenten zijn vaak niet langer dan één vers, waardoor ik het dagboek eerder als een bijbels gedachtenboek zou omschrijven. In de overwegingen wordt er maar zelden aandacht besteed aan de bijbelse context van het geplukte vers. Dat is jammer, maar het zorgt ervoor dat er veel ruimte is voor de contextualisering van het bijbelvers. In de overdenkingen worden de kinderen rechtstreeks aangesproken ("Wie zeg jij dat Jezus is") of wordt het vers gespiegeld aan situaties die ze in hun jonge leven kunnen meemaken. De bijhorende verwerkingsopdrachten zijn heel divers en gaan van knutselactiviteiten en schrijfopdrachten tot aansporingen om het gesprek met de ouders aan te knopen.

Zou de achtjarige Martijn zich door dit boek aangesproken voelen? Dat is een moeilijke vraag, want al 26 jaar geleden. De kaft zou dat alleszins wel gedaan hebben, want ik hield er enorm van om me af en toe te verstoppen in een boomhut. Het dagboek zelf zou ik – denk ik – wellicht niet uitgelezen hebben. Eerst en vooral zou ook de dertienjarige Martijn het nog knap lastig gevonden hebben om de christelijke terminologie voldoende te begrijpen ('zondigen', 'genade', 'verlossing', …). Het dagboek zou me ook te weinig kritisch zijn en te beamend ("Er is niets wat wij kunnen doen om onszelf te redden. We moeten Jezus' hand vastgrijpen en ons vastklemmen aan zijn genade"). Ook de achtjarige Martijn vond het al niet vanzelfsprekend om zomaar het bestaan van God aan te nemen. Tot slot bedient Lucado zich bijzonder veel van de imperatief of de 'gebiedende wijs'. En de kleine Martijn … die vluchtte in z'n boomhut, als men hem met geboden om zijn oren sloeg… .

Martijn Steegen

Meer info kan je vinden bij Ark Media top

Mijn partner heeft al kinderen. Hoe bouw ik een nieuw gezin?

Leuris, E., Mijn partner heeft al kinderen. Hoe bouw ik een nieuw gezin?, Davidsfonds Uitgeverij, Leuven, 182 p.
ISBN 978 90 5826 829 7

Els Leuris, auteur van het boek 'Mijn partner heeft al kinderen' is seksuoloog en jurist en werkt als relatie- en gezinstherapeute. In haar beroepspraktijk wordt ze geconfronteerd met nieuw samengestelde gezinnen en alle vragen en problemen die daarbij komen kijken.

Op de achterflap van het boek staan de cijfers wit op blauw te lezen: Een op de tien gezinnen is vandaag een nieuw samengesteld gezin. Er wordt benadrukt dat leven in een nieuw samengesteld gezin niet evident is, en dat er veel te overwinnen uitdagingen zijn. Over de rol als stiefouder (of beter: plusouder), over het omgaan met verschillende visies over opvoeding, over de omgang met de andere biologische ouder, enzovoort.

Het boek is opgedeeld is vijf hoofdstukken, waarvan de eerste drie mooi chronologisch geordend zijn. Het eerste hoofstuk heeft betrekking op de rouw na een echtscheiding of verlies van een partner. Rouw zowel bij volwassenen als bij kinderen. Hoofdstuk twee gaat over het opbouwen van een nieuwe relatie en alle moeilijkheden en vragen die daarbij komen kijken. In het derde hoofdstuk wordt het nieuwe gezin gevormd. Hier wordt onder andere een onderscheid gemaakt tussen huis- en tuchtregels. Heel helder wordt beschreven dat de plusouder huisregels ('schoenen uit in huis') kan doen gelden, maar tuchtregels ('niet uitgaan na een buis op die toets') beter worden overgelaten aan de biologische ouder. Dit hoofdstuk is doorspekt met handige tips. Ook hoofdstuk vier handelt over bijzondere opvoedingssituaties. Het hoofdstuk is zo volledig dat geen enkele lezer zich hier 'vergeten' zal voelen. Het laatste hoofstuk bevat antwoorden op veel voorkomende vragen over echtscheiding en nieuw samengestelde gezinnen. Zelfs juridische vragen blijven niet onbeantwoord.

De vlotte taal en uit het leven gegrepen getuigenissen en voorbeelden maken dat het boek zeer vlot leest en bij betrokkenen ongetwijfeld voor herkenbaarheid zorgt. Het grootste inzicht dat het boek biedt, zijn de meerdere perspectieven van een nieuw samengesteld gezin. 'Mijn partner heeft al kinderen' handelt namelijk zowel over problemen van volwassenen (biologische ouder versus plusouder) als van kinderen. Fijn dat er naar het hele gezin gekeken wordt. Aan het einde van het boek staan nog links naar meer informatie (websites, adressen) over het thema, zowel voor België als Nederland, gevolgd door een uitgebreide literatuurlijst. Een echte aanrader voor iedereen die zijn of haar steentje wilt bijdragen om van het nieuwe gezin een succes te maken.

Evelien Luts
top

Birth Day

Blancquaert, L. Birth Day. Hoe de wereld zijn kinderen verwelkomt, Uitgeverij Lannoo, Tielt, 368 p.
ISBN 978 90 209 3629 2

Auteur, journaliste en fotografe Lieve Blancquaert werkte twee jaar aan het project Birth Day. Ze is zelf moeder en ging op zoek naar de verhalen achter de 364.501 baby's die gemiddeld per dag op aarde worden gezet. Ze komt terecht bij een zeer divers publiek, in maar liefst 14 verschillende landen ter wereld. Het resultaat: een televiesireeks en een prachtig dik boek, met, naast boeiende verhalen, meer dan 400 foto's.
De kaft van het boek is al meteen een mooi beeld: veel lakens waarin een baby gewikkeld is. Enkel het hoofdje komt deels piepen. Het eerste wat er te lezen is, is een inleiding van Prof. Dr. Marleen Temmerman, Hoofd van het Departement Reproductieve Gezondheid en Onderzoek van de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO). Dit boek maakt volgens haar dat we extra bewust worden van de drie milenniumdoelstellingen: gelijkwaardigheid van mannen en vrouwen, vermindering van kindersterfte en de verbetering van de gezondheid van moeders. Na het voorwoord van Blancquaert zelf, beginnen de verhalen. Uit Israël, India, China, VS, Brazilië, Koeweit, Kenia, Groenland, België, Noorwegen, Congo, Cambodja, Rusland en Marokko. Bij elk land worden onder andere de levensverwachting, de verwachte schoolloopbaan, de kindersterfte bij geboorte en het sterftecijfer van moeders in het kraambed weergegeven. Harde cijfers. Bij het lezen van deze verhalen kan je het soms niet bedwingen: een openvallende mond. Van verbazing. In welke erbarmelijke omstandigheden moeten sommige moeders in godsnaam hun kind op de wereld zetten? De verhalen ontroeren en Blancquaert weet deze momenten perfect op beeld te pakken te krijgen. Ze praat met de moeders, met de vaders, familie en artsen. Ze woont feesten en rituelen bij. Dit boek doet je realiseren dat de plek waar jouw wieg staat, jouw toekomst grotendeels bepaalt. Het laatste verhaal is er een uit een kansarme buurt in Brussel. Het is choquerend om te lezen dat zo'n erbarmelijke situaties in ons land nog voorkomen. Het boek eindigt met het verhaal over de geboorte van het project Birth Day zelf, waarin het als "onvergetelijk" bestempeld wordt. De kans is groot dat de lezer een gelijkaardig woord gebruikt.
Kortom: een inspirerend, mooi vormgegeven boek voor iedereen die wilt weten hoe de geboorte van een kind er in andere landen en culteren aan toe gaat. Leuk om cadeau te doen aan jezelf of aan anderen.

Evelien Luts


top

In gesprek over seks

Berger-Korf, A., In gesprek over seks. Voor een nieuwe kijk op gezonde seksualiteit , Uitgeverij Ark Media, Amsterdam, 159 p.
ISBN 978 90 3380 019 1

Auteur Arjet Borger liet lezers geïnteresseerd in boeken over relaties en seksualiteit eerder al kennismaken met twee boekjes die ze schreef voor kinderen. Deze gingen allebei over Saar en Jop, nieuwsgierige kinderen die gaandeweg ontdekken wat lichamelijke verschillen zijn tussen jongens en meisjes en waar kindjes precies vandaan komen. Naast schrijver is ze ook adviseur seksuele gezondheid.

Na deze prentenboekjes voor kinderen spreekt ze met het boek In gesprek over seks een ander (christelijk) doelpubliek aan, namelijk ouders, leerkrachten, jeugdwerkers en allerlei opvoeders van kinderen en jongeren. Het boek geeft een duidelijk beeld weer van hoe de christelijke wereld naar seksualiteit kijkt, zonder blind te zijn voor wetenschappelijk onderzoek. In de acht hoofdstukken komen onder andere thema's als kinderen en seksualiteit, seksualiteit in de puberteit, kennis over seks, jongeren in een relatie en het gesprek over seks in christelijk Nederland aan bod. Hier valt op dat Borger een zo duidelijk mogelijk –doch niet oordelend- beeld tracht te scheppen van verschillende visies op seksualiteit, in de maatschappij en de christelijke wereld. Ze vernoemt bijvoorbeeld de afkeuring van de christelijke wereld van porno, maar is niet blind voor de realiteit waarin veel mensen porno kijken. Toch merk je als lezer enkele genderstereotypen op; er wordt bijvoorbeeld gesproken over het feit dat er wel christelijke jongens of mannen zijn die porno kijken, maar niet over meisjes of vrouwen die dat zouden doen. Of dat het eerder de jongen dan het meisje is die 'te snel' wilt gaan in de relatie. Ook een in de christelijke wereld omstreden onderwerp als holebiseksualiteit gaat de auteur niet uit de weg. Het achtste hoofdstuk is er een vol tips om zelf aan de slag te gaan, lees: te praten over seksualiteit met jongeren. De casussen die in het hele boek voorkomen, zijn zeer praktische voorbeelden van wat er wordt beschreven. Aan het einde zijn nog extra leestips en een bronnenlijst terug te vinden.

In gesprek over seks biedt binnen de christelijke wereld een nieuwe kijk op seksualiteit. Een manier van kijken die niet moraliserend is, maar een pleidooi om seksualiteit bespreekbaar te maken bij jongeren zonder het meteen over God of allerlei regels te hebben. Een aanrader voor iedereen die met christelijke jongeren werkt.

Evelien Luts


Meer info vind je bij Ark Media

The World Book of Love

Bormans, L., The World Book of Love. Het geheim van de liefde, Uitgeverij Lannoo nv, Tielt, 348 blz.
ISBN 978 90 209 3813 5

Leo Bormans reist de wereld rond als Ambassadeur van geluk en levenskwaliteit. Hij heeft een master in Talen en Wijsbegeerte en is auteur van de internationale bestseller "The World Book of Happiness". In opvolging hiervan ging hij twee jaar lang de grondslagen van de liefde bestuderen. Dit resulteerde in zijn volgende boek: "The World Book of Love".

Hierin verzamelt Bormans de inzichten van 100 wetenschappers uit 50 verschillende landen. Hij vroeg elk van hen om in maximum 1000 woorden te schrijven over het waarom en het hoe van de liefde. Ondanks het feit dat er al zoveel geschreven is over liefde, is het verbazingwekkend hoeveel nieuwe informatie er in elk hoofdstuk opnieuw naar voren komt. Je kijkt naar liefde vanuit een veelheid aan perspectieven, aangezien zowel sociologen, psychologen, antropologen, seksuologen en neurowetenschappers bijdroegen aan dit boek. Het gaat over huwelijk en scheiding, puberliefde, ouderliefde, hechting en jaloezie. Veel hoofdstukken zijn bijzonder herkenbaar of bieden inzichten waardoor je jezelf en misschien ook je partner of andere mensen uit je naaste omgeving op een andere manier gaat bekijken. Andere stukken zijn eerder een ver-van-mijn-bedshow, door bijvoorbeeld culturele verschillen, maar maken het daarom niet minder boeiend om te lezen.

Aangezien dit dikke boek met zachte kaft een fantastische en bijzonder uitgebreide verzameling van allerlei wetenschappelijk onderzoek over liefde is, is het eerder een leuk boek om af en toe in de grasduinen dan om het in één trek uit te lezen. Doordat het telkens korte hoofdstukken zijn, is het makkelijk om de draad terug op te pikken als je het boek even hebt laten liggen. Bij veel hoofdstukken staan op het einde zowel de sleutels (kernpunten) samengevat als een korte biografie van de onderzoeker. De prachtige illustraties nemen vaak een volledige pagina in, waardoor ze volledig tot hun recht komen en de warme sfeer van het boek extra kracht bijzetten. Een hartverwarmend boek om aan jezelf of iemand die je liefhebt cadeau te doen! Op deze website kan je bovendien een tof promofilmpje voor het boek terugvinden: www.humo.be/filmpjes/237415/liefde-volgens-het-laatste-woord.

Evelien Luts

Meer info vind je bij Uitgeverij Lannoo top

Troosten, met hoofd, hart en handen

de Jong, S. & Anzion, P., Troosten. Met hoofd, hart en handen, Forte Uitgevers BV, 2011, 128p.
ISBN 978 90 5877 401 9


Met de uitgave "Troosten. Met hoofd, hart en handen" tonen auteurs Saskia de Jong en Paul Anzion een bijzonder inspirerend boek aan de lezers.

Troosten is geen boek dat je van voor naar achter leest. Het is eerder een kijk- en voelboek, dat je willekeurig openslaat en waar je je door laat meevoeren. De zeven hoofdstukken volgen de lijn van een mogelijk rouwproces: van Voelen en worstelen, via tussenstappen als Uiten, Nabij zijn en Geven naar Aanvaarden en Gedenken.

Dit boek kan troost bieden aan wie zelf doorheen een rouwproces gaat, maar geeft evenzeer inzicht aan degenen die anderen bij een groot verdriet willen steunen.
Bij het zoeken naar geschikte teksten voor herdenkingsvieringen voor overledenen, heb ik dit boek als pastor al meermaals opengeslagen en steeds heb ik iets gevonden wat kon aansluiten bij de specifieke situatie. Ik vind dan ook dat ik mag concluderen dat dit boek op een heel open manier is opgesteld en bijzonder toegankelijk is. De waaier aan stijlen en communicatievormen is zo uitgebreid dat elk mens – gelovig, ongelovig, spiritueel gevoelig of minder – door dit werk kan worden aangesproken.
Voor de spirituele zinzoeker komt zowat elke religie aan bod, maar wie expliciet naar christelijke symboliek op zoek is, vindt ook zijn of haar gading. Zo zijn er in het boek suggesties te vinden van bijbelteksten op de rouwkaart en wordt er regelmatig verwezen naar de christelijke tradities en gewoontes.

De auteurs hebben een prachtig geheel gemaakt van heel veel verschillende elementen: dit boek bevat columns (o.a van Anselm Grün), getuigenissen (bijvoorbeeld over een vader die zijn kind verloor en daarover een blog bijhoudt), informatie over rouw en afscheid (uitleg door Manu Keirse), poëzie, verhalen (bv. de ontmoeting tussen een man die een verkeersongeval veroorzaakte en de familie van diens overleden slachtoffer), heel concrete tips om te herdenken (bv: juwelen of kledingstukken maken die je helpen herinneren) en zelfs een aantal recepten. Heel bijzonder is dat elk hoofdstuk opgebouwd is aan de hand van één bepaalde kleur die aansluit bij het thema van dat hoofdstuk. Die kleur wordt telkens geduid en geïllustreerd door voorbeelden uit de natuur.

Wat dit boek erg bijzonder maakt is de vormgeving. Studio Jan de Boer uit Amsterdam heeft hier werkelijk een parel van een boek afgeleverd. Het boek is rijkelijk geïllustreerd met foto's en letterlijk elke pagina is voorzien van kleur en een bijzondere bladschikking. De vormgeving draagt bij tot de sfeer en het beter begrijpen van de informatie is dan ook nergens storend of overdreven.

Tenslotte zou ik dit boek zeker aanraden om als geschenk te geven aan iemand die momenteel rouwt of verdriet heeft. Het is een bijzonder waardevol en mooi cadeau.

Ine Pauwels

Meer info vind je bij Uitgeverij Forte  top

Op schouders van ouders

Van De Velde, D., Op schouders van ouders. Het opvoedingsgebeuren tussen wens en realiteit, Garant, 2013, 138 p.
ISBN 978 90 4413 004 1

Wie zich dit boek aanschaft krijgt een oogstrelende uitgave in handen, op glanzend papier, met kunstige illustraties en veel speelse tekstblokjes met respectievelijk belangrijke pedagogische citaten of gedichten.

Inhoudelijk mikt het boek op een omvattende reflectie over het opvoedingsgebeuren zoals het vandaag beleefd wordt. Het wil niet meteen snelle technische antwoorden geven op concrete pedagogische vragen. Het wil veeleer een reflectie zijn op een aantal 'trage vragen', zoals: maak ik als vader het verschil? Welke waarden geef ik door? Moet ik als ouder ook aan de samenleving werken waarin mijn kinderen zullen moeten leven?
Het zijn deze fundamentele vragen die de auteur, Danny Van De Velde, pedagoog en zelf vader van drie kinderen en directeur in een school voor secundair onderwijs, onder de aandacht wil brengen. Die bewogenheid om ouders te leiden naar en te begeleiden in die fundamentele reflectie is meteen de grote verdienste van dit boek. Die trage vragen, aldus de auteur, moeten niet opgelost maar doorleefd worden. En gelijk heeft hij!
Hij neemt ons mee op een boeiende tocht in drie etappes: Eerst verkent hij de intieme band tussen ouder en kind onder de titel : 'In de ban(d) van het ouderschap' met poëtische ondertitels als 'dak boven ontkiemende mogelijkheden'. Dan volgt onder de titel 'sterke schouders' een waardevol uitgewerkte verkenning van de dominante ouderschapstypes vandaag. Hij onderscheidt bv. de hyperparenting ouders, die geen situatie onbenut laten om hun kind te stimuleren, naast de managers-ouders, die veel zelfstandigheid van hun kind verwachten en het leven van het kind hiervoor optimaal organiseren. Hij beschrijft en evalueert ook het actueel vaak aangeprezen 'goed genoeg' ouderschap maar pleit zelf ervoor dat ouders 'as good as possible' zouden willen zijn. Dit omvat dat ouders wel een ideaalbeeld voor ogen zouden houden, maar met het besef dat ze de perfectie nooit kunnen bereiken. Hij bespreekt ook het belang van duurzaamheid van de ouder-relatie, en hoe deze te vrijwaren in echtscheidingssituaties. Ten slotte beschrijft het derde deel onder de titel 'op schouders van ouders' de pedagogische attitudes die het kind helpen ingroeien in de samenleving zonder dat het zichzelf verliest en met een open oog voor de dragende krachten in het leven. Hier komt de waardenopvoeding uitvoerig aan bod.

Het boek biedt tal van waardevolle inzichten, die alle de moeite waard zijn om traag over te reflecteren en, waarom niet, met andere ouders over door te praten. Het is een boek dat je stilaan anders maakt en de vanzelfsprekende stellingen over ouders-zijn doorprikt.
Het bevat ook een kaleidoscoop aan getuigenissen, citaten uit de literatuur, verwijzingen naar films, gedichten enzovoort, bedoeld om de thema's te illustreren en te actualiseren. Dat heeft een bijzondere charme en is een waarde op zich (bv. als een boek over het opvoedingsgebeuren in hedendaagse kunstuitingen). Maar binnen de huidige doelstellingen geldt 'trop is te veel'. De overvloed aan verwijzingen doet de lijn van het verhaal geregeld ondersneeuwen. Misschien hebben hedendaagse postmoderne ouders minder last van zulke fragmentarische aanpak. Toch blijft het oude gezegde waar: in de beperking toont zich de meester.
Ook het inconsistente gebruik van 'men', 'ik', 'wij', 'je' in de schrijfstijl maakt eerder onrustig. Een en ander verhindert de lezer de trage vragen te doorleven, zoals eigenlijk beoogd.

Ria Grommen

Meer info vind je bij Garant Uitgevers top

Het ABC van de mantelzorg

Het ABC van de mantelzorg. Van administratieve rompslomp tot zelfzorg, Ziekenzorg CM en Davidsfonds Uitgeverij, 2011.
ISBN 978 90 5826 795 5

Dit boek kwam er op initiatief van Ziekenzorg CM om een antwoord te bieden op de vele vragen van mantelzorgers. Deze grote, vaak verborgen groep in de samenleving is voor Ziekenzorg, naast de zieken zelf, een belangrijke doelgroep.
Mantelzorgers zijn er altijd geweest. Als groep kregen ze evenwel pas een naam toen in de jaren '70 de Nederlandse arts Hattinga-Verschure mantelzorg definieerde als 'de zorg die familie, vrienden of buren voor elkaar opnemen, zoals een beschermende mantel'. Die mantelzorg onderscheidde zich op meerdere punten van de professionele zorg waarmee ze tegelijk ook complementair is.
Dit boek past in de groeiende belangstelling en bezorgdheid voor de mantelzorgers. Mantelzorg is een mooi intermenselijk gebeuren dat ook maatschappelijk een belangrijke betekenis heeft. Toch is een goed lopende mantelzorg niet evident. Het boek wil al wie ermee te maken heeft wat ondersteuning bieden door een levensnabije informatie.
De verschillende facetten komen aan bod in korte essays onder uiteenlopende trefwoorden, alfabetisch geordend, zoals aangegeven in de ondertitel 'van administratieve rompslomp tot zelfzorg', respectievelijk de eerste en laatste rubriek. Zo vind je bv. ook beschouwingen over draagkracht-draaglast, emoties, grenzen stellen, neen zeggen, lotgenoten, tegemoetkomingen, veranderende relaties enz.
De waaier van thema's is heel ruim en bestrijkt het hele mantelzorggebeuren. Ook binnen elke rubriek is er veel aandacht voor de complexiteit van situaties. De rubrieken zijn stuk voor stuk echte blikopeners. Termen worden uitgelegd, nooit belerend. Een genuanceerde kijk op situaties wordt aangereikt, nooit moraliserend!
De toelichtingen zijn geschreven in een vlotte en persoonlijke stijl met levendige situatieschetsen – de verdienste van ghostwriter Bea De Rouck. Daardoor biedt dit boek niet alleen nuttige informatie maar is het meteen ook heel bemoedigend. De lezer voelt zich begrepen en aangesproken.
Het boek is niet bedoeld om in één ruk uit te lezen maar is veeleer een betrouwbare gids om af en toe in te grasduinen. Het is geïllustreerd met sobere zwart-wit foto's waarvan de tederheid afstraalt.
Pasklare informatie voor je persoonlijke mantelzorgsituatie zal je er niet in vinden. In die zin zou de titel 'het ABC van de mantelzorg' bij sommigen verkeerde verwachtingen kunnen oproepen. Maar je vindt wel overzichten van diverse mogelijkheden en vooral verwijzingen naar de instanties die jou verder wegwijs kunnen maken.
Kortom, deze gids voor mantelzorgers is een echte aanrader voor al wie met mantelzorg(ers) te maken krijgt. Het steunt op een grondige kennis van het gebeuren. Tegelijk is het een warme bemoediging en een concrete leidraad om moeilijkheden te voorkomen of constructief op te lossen.

Ria Grommen

Meer info vind je bij Davidsfonds Uitgeverij top

Hier vloekt met niet. Facebook ziet alles

Heyman, R., Daems, A., Baelden, D., Pierson, J. & Deckmyn, D., Hier vloekt men niet, Facebook ziet alles. Sociale netwerken ontrafeld, Davidsfonds Uitgeverij, Leuven, 208p.
ISBN 978 90 6306 647 5

Verschillende auteurs, zoals Mathias Vermeulen, Rob Heyman, Eva Lievens, Ralf De Wolf en Dorien Baelden delen elk hun expertise met de lezer door hun visie te geven op sociale netwerken en de risico's die eraan verbonden zijn.

Ondanks het feit dat het boek verwijst naar tal van onderzoeken, is het toch geen saai naslagwerk. Het biedt wel een aantal boeiende inzichten in de mechanismen van sociale netwerksites die de gebruiker kunnen ondersteunen in een meer bewust en veilig gebruik van de online netwerkplatformen. Een voorbeeld hiervan is het omgaan met het delen van informatie online. Meer dan één miljard mensen doet dat via sociale netwerksites, waar delen belangrijker lijkt te zijn dan het beschermen van je privacy. Gebruikers lijken online véél meer prijs te geven over zichzelf dan in face to face contact. Niet alleen je dichte vrienden, ook verre kennisen en iemand die je ooit op reis leerde kennen, kunnen via sociale netwerksites je leven volgen. De auteurs wijzen ook op de overheid en bedrijven, die naarstig gebruik maken van de informatie die via Facebook gedeeld wordt.
Het boek 'Hier vloekt men niet, Facebook ziet alles' bestaat, naast inleiding en conclusie, uit vijf hoofdstukken. Het hoofdstuk 'Facebook kijkt mee', geschreven door Mathias Vermeulen, beschrijft uitgebreid privacy-gerelateerde topics zoals hierboven. Rob Heyman gaat in hoofdstuk twee verder in op de bedrijfsstructuur van Facebook (een beursgenoteerd bedrijf, sinds 18 mei 2012) en laat de lezer schrikken bij zijn uitleg over hoe Facebook winst maakt. Eva Lievens belicht in hoofdstuk drie onderwerpen zoals cyberpesten en jongeren op Facebook. Het voorlaatste en laatste hoofdstuk zijn geschreven door respectievelijk Ralf De Wolf en Dorien Baelden. Deze handelen over privacybeheer in het algemeen en een zogenoemde 'Roadmap voor socialemediawijsheid', een beslissingsboom die je een overzicht geeft van allerlei instanties gerelateerd aan dit thema.
De kaft van het boek verbeeldt letterlijk het in een driehoek geplaatste alziend oog, wat al meteen de boodschap van het boek duidelijk maakt. Tussen de hoofdstukken door zijn visueel enkele kaders weergegeven waarin je praktische tips kan terugvinden om bijvoorbeeld jouw privacy op Facebook beter te beschermen. Facebook-zelfmoord plegen (lees: je profiel verwijderen) hoeft niet, maar na het lezen van deze uitgave zal je ongetwijfeld waakzamer en weerbaarder met sociale netwerksites omgaan.

Evelien Luts

Meer info over dit boek vind je bij Uitgeverij Davidsfonds top

Recensies voor Rondom Gezin – 2013

Burgemeester achter tralies

Segers, V., Burgemeester achter tralies. 34 jaar directeur van Leuven-Centraal, Davidsfonds Uitgeverij, Leuven, 223p.
ISBN 978 90 630 6655 0


Radio2 producer Veerle Segers leerde Guido Verschueren kennen via haar job en schreef het boek 'Burgemeester acter tralies' over de carrière van Verschueren als gevangenisdirecteur van Leuven-Centraal. Ze beschrijft hem als een man die in de harde gevangeniswereld zachtaardig is gebleven. Die zachtaardigheid blijkt tevens uit zijn motivatie om mee te werken aan dit boekproject: Hij doet het als herinnering – of nalatenschap – voor zijn kleinzoon Flor.

Na 34 jaar dienst ging de directeur van Leuven-Centraal dit jaar op pensioen. Hij woonde met zijn vrouw en kinderen in de gevangenis en beschouwde de gevangenis als een klein dorp, waar niet alle bewoners brave jongens zijn, maar toch zeker mensen blijven. En net die menselijkheid, dat humane gevangenisbeleid is waarvoor de directeur bekend staat. Leuven-Centraal is een gevangenis met een voor ons land uniek opendeurregime, waarin de celdeuren per vleugel het grootste deel van de dag open staan. Verschueren is hiervan een grote pleitbezorger, aangezien het de gedetineerden helpt om zich voor te bereiden op hun terugkeer in de samenleving. Want hoe zwaar de mannen in Leuven-Centraal ook gestraft zijn, de meesten van hen zullen vroeg of laat terug in de maatschappij moeten functioneren. Verschueren pleit er dan ook voor om de detentieschade zo veel mogelijk te beperken.

Via een zestiental hoofdstukken komt de lezer stap voor stap meer te weten over Leuven-Centraal: over de inwoners, de principes, het bezoek, werken binnen de gevangenis enzovoort. Het boek omvat een verhaal met veel anekdotes en beschouwingen, avonturen en gebeurtenissen die de carrière van de man en zijn gevangenis hebben getekend en gekleurd. Ook worden er enkele incidenten die zich afspeelden tijdens de lange carrière van Guido, waaronder zijn eigen gijzeling, uitvoerig beschreven. Uit al deze verhalen en getuigenissen blijkt telkens het mededogen en soms de trots waarmee de directeur over "zijn" burgers spreekt.

Het boek leest vlot en is zelfs een tikkeltje verslavend. De lezer wordt meegezogen in een wereld die voor de meeste burgers onbekend is. Net daarom is het zo interessant om eens een figuurlijk kijkje te kunnen nemen binnen de gevangenismuren én is het handig dat er een lijstje met vaktechnische afkortingen achteraan het boek terug te vinden is. De manier waarop de directeur over de gevangenis spreekt, is vaak ontroerend. Deze zin illustreert prachtig waar het voor hem allemaal om draaide: "Gedetineerden zijn mensen. En mensen zijn waardevol."

Evelien Luts

Meer info over dit boek vind je bij Uitgeverij Davidsfonds

Naar het websiteluik 'Binnen en buiten de gevangenismuren' top

Het geheim van vriendschap en intimiteit

Driessen, Iny, Het geheim van vriendschap en intimiteit, Averbode, Altiora, 2013, 208 p.
ISBN 978 90 317 3694 2


De jongste jaren hebben berichten over dubbelzinnige vriendschappen en seksueel misbruik zodanig de aandacht getrokken dat men bijzonder voorzichtig geworden is om te spreken of te schrijven over vriendschap en intimiteit. Dit is des te moelijker wanneer het gaat om vriendschap tussen religieus bewogen mensen. Het lijkt onmogelijk dat iemand zich met hart, ziel én lichaam aan een ander toevertrouwt zonder de eigen roeping te verwaarlozen. De worm van het wantrouwen blijft knagen.

Toch kan het anders. De geschiedenis van het christendom biedt ons tal van mannen en vrouwen die het geheim van gehechtheid, tederheid en intimiteit hebben beleefd – niet zonder door buitenstaanders argwanend bekeken te worden. Iny Driessen vertelt over het leven en de strijd van dergelijke figuren en citeert uitvoerig uit hun geschriften. Zij doet het open en ontvankelijk, niet zonder kritische zin. De lijn loopt van Franciscus en Clara van Assisi, over François de Sales en Jeanne de Chantal, Teresa van Avila en Johannes van het Kruis, Catharina van Siena en Raymondo delle Vigne. Het zijn mensen van vlees en bloed die hartstochtelijk durfden liefhebben. In hun levensverhalen komt telkens de essentie van de vriendschap naar voor, weliswaar met telkens andere accenten, afhankelijk van karakters en omstandigheden. In de bijzondere affiniteit die deze figuren met elkaar hadden werden ze vaak innerlijk beproefd door de intensiteit van hun vriendschap. Maar zij vonden er ook steun voor hun persoonlijke religieuze groei en voor hun engagement in de christelijke gemeenschap. Wie open staat voor het geheim van hun zuivere vriendschap kan er ook zelf vruchten van plukken.

Tussen haar verhaal over historische figuren weeft Iny Driessen de draad van haar eigen religieuze ontwikkeling. Zij getuigt dat zij persoonlijk een grote rijkdom heeft gepuurd uit dergelijke diepe zielsverwantschappen. Zij pleit ervoor dat zowel koppels als religieuze gemeenschappen daar ruimte toe bieden. Zij is er trouwens van overtuigd dat daar inspiratie te vinden is voor al wie intimiteit en vriendschap wil beleven. Ook dit soort relaties ontstaat, net als de huwelijksliefde, in het hart van God en is op Hem gericht.


Frans Hitchinson

Meer info over dit boek vind je bij Uitgeverij Averbode

Ik had honger

Ik had honger, Antwerpen, Halewijn, 2013, 224 p.
ISBN 978-90-8528-264-8


Al tien jaar organiseert 'Tochten van Hoop' in Antwerpen en Brussel wandelingen die leiden naar plaatsen waar men normaal niet komt. Maar men vindt er duidelijke sporen van de positieve en hoopvolle manier waarop men in de stad met armoede kan omgaan.
In dit boek brengt de organisatie teksten samen die op diverse aspecten van armoede ingaan. Zij zijn gegroepeerd rond de zeven evangelische 'Werken van Barmhartigheid'. De bijdragen zijn zeer gevarieerd van stijl: interviews, bezinningstekten en gedichten, getuigenissen, verslagen van acties, visieteksten, met onder meer een bijbels-ethische uiteenzetting van R. Bruggraeve over de parabel van de barmhartige Samaritaan. Het boek is geïllustreerd met prachtige sociale fotografie over het samenleven in de grootstad. Het meest aangrijpend zijn de getuigenissen van mensen in nood en van organisaties en individuen die hen een helpende hand aanreiken.

Wie dit boek leest begeeft zich zelf op een tocht van hoop. Het gaat over aanwezigheid, nabijheid, hulpvaardigheid, maar ook rechtvaardigheid, solidariteit en strijdvaardigheid. En over het samengaan van beide.

Frans Hitchinson

Meer informatie over dit boek vind je bij Uitgeverij Halewijn top

Leven is een kunst

Van Tongeren, P., Leven is een kunst, uitgeverij Klement, 2012, 254 blz.
ISBN 978-90-868-7102-5


Welk antwoord kunnen we geven op Socrates' vraag: 'hoe te leven'? Dit is de centrale en uitdagende vraag in het boek 'Leven is een kunst'. Wat betekent het om een leven te leven dat meer is dan louter overleven? Wat maakt een leven goed of de moeite waard? En welke rol speelt de ethiek hierbij? Hoe funderen we de moraal in een samenleving die elke fundering van buitenaf weigert? Auteur Paul van Tongeren komt uit bij de mens als betekeniswezen en een 'ethiek als hermeneutiek van de morele ervaring'. De ethiek vat hierbij haar taak op als uitleg of interpretatie. Hermeneutiek is dan ook wezenlijk gericht op het onderzoeken van het eigen leven, op het thuis kunnen zijn in je eigen leven.

Inzicht alleen volstaat evenwel niet om goed te leven, ook het gedrag, de omstandigheden en verlangens of motieven spelen een rol. De deugdethiek focust zich op die verlangens, op de vorming van houdingen die maken tot wie we als persoon (willen of kunnen) zijn. Van Tongeren gaat het gesprek aan met de traditie, met Augustinus, Kant en Nietzsche. Ten aanzien van hedendaagse levenskunstenaars als P. Hadot, W. Schmid en J. Dohmen die de individuele maakbaarheid van het geluk vooropstellen, plaatst van Tongeren de ervaring van machteloosheid en kwetsbaarheid. Via de psychoanalyse komt hij uiteindelijk uit bij de kunst, waarbij hij (deugd)ethiek en (levens)kunst verbindt.

Het boek is helder opgebouwd. De zes hoofdstukken bevatten theoretische overwegingen en pogen van daaruit tot inzicht te komen. Ze worden onderbroken door intermezzi, korte beschouwingen over wat het leven tot menselijk leven maakt. In die zin kunnen ze niet gescheiden worden van de hoofdtekst. Net zoals bij kunst, hangen vorm en inhoud nauw samen in dit boek.

Als filosoof en ethicus is Paul van Tongeren verbonden aan de Radbout Universiteit Nijmegen, de KU Leuven en de Universiteit van Pretoria. De voorbeelden en de wijze waarop het boek geschreven is, maken duidelijk dat ethiek helemaal niet levensvreemd is. Ethiek bevindt zich juist middenin het leven. De auteur slaagt er in om filosofische thema's op een toegankelijke wijze te verhelderen. Als lezer word je geprikkeld, uitgedaagd en meegenomen in zijn zoektocht naar antwoorden. Wie graag nadenkt over filosofie, ethiek en levenskunst, vindt in dit boek zeker zijn gading. Het boek is naar mijn mening een terechte winnaar van de Socrates Wisselbeker 2013 – de prijs voor het meest prikkelende oorspronkelijk Nederlandstalige filosofische boek.

Inge Neyens

Meer info over dit boek vind je bij Uitgeverij Klement top

Ik versta onder liefde

Oosterhuis H. Ik versta onder liefde, Uitgeverij Ten Have, Baarn, 2011, 126 blz.
IBSN 978-90-259-6120-6

Het essay 'Ik versta onder liefde' verscheen ter gelegenheid van de opening van 'De Nieuwe Liefde Academie' in Amsterdam, een centrum voor studie, bezinning en debat (www.denieuweliefde.com). Dit nieuwe leerhuis komt voort uit de Amsterdamse studentenekklesia (vanaf 1960) en de stichting Leerhuis en Liturgie (1980-2011), waarvan Oosterhuis telkens de bezieler was.
In het boek laat Oosterhuis de lezer proeven van bijbelverhalen, het werk van theologen, filosofen, romans en gedichten die hij zijn grote inspiratiebronnen noemt. Grote auteurs als Friedrich Nietzsche, Karl Marx, Johan Huizinga, Harry Mulisch en dichters als Marman ('bezield verband'), Lucebert ('Neem mijn lied als uw hart') en T.S. Eliot passeren de revue. Telkens plaatst Oosterhuis de theologische of filosofische reflectie, het gedicht of de roman terug in het verhaal van zijn eigen leven en vertelt hij hoe de tekst, het gedicht of de roman zijn zoektocht naar ware 'liefde' een nieuwe wending gaf.
Oosterhuis werd geboren in 1933. Het jaar waarin Hitler in Duitsland aan de macht komt. Herhaaldelijk zal Oosterhuis teruggrijpen naar de diepe littekens die het nazi-regime heeft achtergelaten. Tot op vandaag werken de verschrikkelijke gebeurtenissen van de Tweede Wereldoorlog door in Oosterhuis' bijbels protest tegen de discriminatie van minderheden. Te midden van deze gruwel, waarin het gevoel van een afwezige God nooit groter was, zoekt Oosterhuis naar kleine tekens van hoop: naar een liefde die mensen bevrijdt. Zo aarzelt Oosterhuis niet om de spanning op te zoeken tussen het 'gebed van de wanhopige onwetende' van Eduard Douwes Dekker en mooie psalmregels als "En al mijn levensdagen stonden in uw boek nog voor Gij er een had gemaakt" (cf. Psalm 139). Het mooie is dat Oosterhuis de plooien niet kost wat kost glad wil strijken, maar de spanning verkent.
De passages waarin Oosterhuis aangeeft waarom de bijbel voor christenen een belangrijk boek kan zijn, vond ik bij de sterkste passages van het boek. Zijn hele leven al vertelt hij niet gewoon over de bijbelse verhalen, maar vertelt hij ze van binnenuit. Hij toont de logica van het bijbelse denken: "De bijbel heeft dat ook. Dat tegen de stroom in denken, dat 'en toch', die keuze voor optimisme. In de bijbel is God – en dat is literair, verhaaltechnisch, een meesterlijke vondst – de woordvoerder van dat 'en-toch-denken', van dat 'onredelijk optimisme'". Oosterhuis toont de lezer in zijn essay een bijbels denken dat over de mens gaat, de mens die door God tot vrijheid geroepen wordt, de "altijd 'jij bent wordende'".
Het boek is een aanrader voor al wie op zoek is naar spiritualiteit en geloofsverdieping. En Oosterhuis heeft op dat gebied zijn lezers tachtig jaar ervaring te bieden. Het boek is opgebouwd uit 72 kleine hoofdstukjes. Je kan het essay in één ruk uitlezen. Dit valt echter niet altijd mee. Soms moest ik terugdenken aan mijn eigen grootvader die op verhaal kwam. Veel aangenamer vond ik het om af en toe enkele korte hoofdstukjes te lezen en die dan te herkauwen.
Tot slot voor de nieuwsgierige lezer. Wat verstaat Oosterhuis nu onder de liefde? "De duizenden nuances van vriendelijkheid en vriendschap, van hartstocht en hoofsheid, van bedachtzame eerbied en mededogen, waarmee mensen elkaar bejegenen. Ik versta onder de liefde ook de wijsheid en de wetenschap, fantasie en volharding, waarmee de aarde wordt opgebouwd, steeds weer, tegen alle afbraak in".

Martijn Steegen


top

(Pleeg)kinderen en vreemd gedrag

Delfos, M.F. & Visscher, N. (red.), (Pleeg)kinderen en vreemd gedrag!? In 13 thema's, Uitgeverij SWP, Amsterdam, 2013 (tweede compleet herziene druk), 167 p.
ISBN 978-90-885-0105-0

Vanuit welke motivatie of inspiratie men zich ook engageert voor pleegzorg, het test altijd de draagkracht van ouder(s) en gezin. Zeker als het pleegkind 'vreemd gedrag' vertoont (zoals extreme angst, liegen, stelen …), hechtingsproblemen heeft of worstelt met loyaliteiten naar pleeg- en natuurlijke ouders. Net op dat 'vreemd gedrag' focust dit boek, dat opgebouwd is vanuit Nederlandse expertise op het vlak van pleegzorg. Dit hoeft voor Vlaamse lezers geen obstakel te zijn: de Nederlandse aanpak van pleegzorg (met kennismakingsbezoeken, crisis- en langdurige opvang, gezinsbegeleiding, bezoekregelingen voor natuurlijke ouders enz.) is immers sterk vergelijkbaar met de Vlaamse.

Het boek ontstond als een reeks artikels in Mobiel (Nederlands tijdschrift voor pleegzorg) over verschillende gedragsproblemen bij opgroeiende (pleeg)kinderen. Die werden gebundeld en een eerste keer uitgegeven in 2001. Deze uitgave is een tweede compleet herziene druk. Dat de prille wortels van dit boek liggen in een reeks tijdschriftartikels voor een breed publiek, verklaart wellicht de grote leesbaarheid van het werk.

In het boek komen dertien thema's aan bod: pleegangst, adoptie, loyaliteit, afstammingsonrust, gehechtheid, rouwen, seksueel misbruik, ADHD, borderline, depressie, pesten, autisme en sociale onhandigheid. Elk thema wordt op dezelfde manier behandeld. Eerst schetst een deskundige een breder kader. Dat gebeurt steeds op een heel toegankelijke manier, zonder te vervallen in technisch-pedagogisch jargon. Na die duiding volgen enkele heel concrete tips waar je als (pleeg)ouder mee aan de slag kan. Voor wie zich nog meer wil verdiepen, is er een korte literatuurlijst. Daarna – en het is een van de grootste sterktes van dit boek – zijn ervaringsverhalen opgenomen van pleegouders die te maken kregen met de specifieke problematiek. Hun verhalen laten de theoretische duiding landen in het pleegleven van elke dag. Mooi is ook dat het lang niet allemaal succesverhalen zijn: pleegouders, die uiteindelijk leken blijven en geen professionele hulpverleners, geven een openhartige inkijk in hun soms vertwijfeld zoeken naar de juiste aanpak van het hun toevertrouwde pleegkind. Dat ze daarbij soms botsen op onmacht en onoverkomelijke grenzen en soms zelfs de pleegzorg moeten afbreken, wordt niet verbloemd.

De haakjes in de titel van dit boek zijn zeker op hun plaats. Sommige beschreven gedragsproblematieken zijn typisch voor pleegkinderen en hebben te maken met hun vaak bewogen voorgeschiedenis en met de plaatsing in een pleeggezin. Andere, zoals depressie of ADHD, zijn dat zeker niet, maar soms zijn pleegkinderen er vatbaarder voor of betekenen ze een bijkomende belasting voor het pleegkind en (bij uitbreiding) de pleegouders.

Het boek is zeker aan te bevelen voor kandidaat-pleegouders die een dergelijk engagement overwegen, voor pleegouders die met een bepaalde vorm van 'vreemd gedrag' geconfronteerd worden en op zoek zijn naar geruststellende herkenbaarheid, advies of verdieping, en voor gezinsondersteunende pleegdiensten.

Elke Schellekens & Jeroen Moens

Meer informatie over dit boek vind je bij Uitgeverij SWP top


Mag ik u proficiat wensen? Over hulpverlening bij zwangerschapskeuzes

Van Stichel, E., Alen, K., Vansantvoet, K. & Helsen, S. Mag ik u proficiat wensen?Over hulpverlening bij zwangerschapskeuzes, LannooCampus, Tielt, 2013, 219 blz.
ISBN 978-94-014-0817-2

De redacteurs van Mag ik u proficiat wensen? zijn allen stafmedewerker bij Fara (het vroegere centrum voor Relatievorming en Zwangerschapsproblemen). Ellen Van Stichel is ethica en verantwoordelijk voor identiteit, visieontwikkeling en ethiek. Kathleen Alen is maatschappelijk werkster, criminologe en relatie- en gezinstherapeute in opleiding, Katrien Vansantvoet is vroedvrouw en seksuoloog. Beiden zijn zij bij Fara inhoudelijk verantwoordelijk voor de thema's ongeplande zwangerschap, tienerzwangerschap en abortusverwerking. Sindy Helsen is klinisch psycholoog en is bij Fara eindverantwoordelijke voor het domein van prenatale diagnose. Naast deze vier dames werden er hoofdstukken geschreven door allerlei experten uit het veld rond specifiekere thema's zoals zwangerschapskeuzes in de islam.

Zoals de titel aangeeft, wordt er in het boek belicht dat polsen of de vrouw/het koppel al dan niet gefeliciteerd wilt worden met de zwangerschap, een goede keuze is. In het boek komen allerlei keuzes waarmee de vrouw/het koppel tijdens de zwangerschap geconfronteerd wordt, aan bod en wordt er dieper ingegaan op de begeleiding van deze zwangerschapskeuzes. Het boek biedt zowel een theoretisch kader als praktische casussen en tips om met dit thema aan de slag te gaan.

Na een inleiding door Ellen Van Stichel volgt het eerste hoofdstuk, dat een theoretisch kader biedt over zwangerschapsbeleving en –keuzes. Vroedvrouw Benedicte Vansina benadrukt de meerdimensionaliteit een zwangerschap en ethica Yvonne Denier geeft haar visie op verantwoordelijkheid in het beslissingsproces. In het tweede hoofdstuk beschrijven Alen en Vansantvoet eerst het beslissingsproces bij ongeplande (tiener)zwangerschap en de rol van de hulpverlener hierbij, samengevat in een helder schema. Helsen heeft het over counseling bij prenatale tests. Hoofdstuk drie gaat over rouw en rouwrituelen bij zwangerschapsafbreking, waarin Wilma Potze en Ine Pauwels hun bijdrage leveren. Het vierde hoofdstuk is een meer theoretisch hoofdstuk over prenatale screening en diagnostiek (Inge Liebaers) en over dragerschapstests via bloedafname, om eventuele afwijkingen op te sporen (Pascal Borry). Het laatste hoofdstuk gaat over zwangerschappen in specifiek kwetsbare contexten: Najima El Handouni en Ellen Van Stichel hebben het over zwangerschapskeuzes in de islamitische religie, Mariël Kanne, Sabrina Keinemans en Katrien Vansantvoet over de begeleiding van tienerzwangerschappen en jonge ouders, en Sylvia De Ryck en Linda Doeraene beschrijven praktijkvoorbeelden over de begeleiding van zwangerschappen in kwetsbare situaties. Hierna volgt een nawoord van Bernard Spitz, een uitgebreide biografie van alle auteurs en wordt het Fara-aanbod voor professionals toegelicht.
Elk hoofdstuk is voorzien van een uitgebreide referentielijst en een toffe lay-out. Er worden ook casussen besproken, die visueel duidelijk aagegeven worden in de tekst en die tevens het boek praktisch maken. Het boek is een echte aanrader voor hulpverleners die beslissings- en verwerkingsprocessen bij zwangerschapskeuzes willen begeleiden.

Evelien Luts

Meer informatie over dit boek kan je vinden bij Uitgeverij Lannoo top


Normale kinderen. Ze bestaan nog

Peerlings, W. & Geuens, S., Normale kinderen. Ze bestaan nog, Lannoo, 2013, 168 p.
ISBN 978 94 014 0566 9

Het lijkt alsof er geen normale kinderen meer in onze scholen te vinden zijn. In elke klas zit wel een kind met ADHD, dyslexie, dyscalculie, autisme, … En als het al bij één kind blijft, zal de leerkracht opgelucht ademhalen. Meer en meer kinderen krijgen een etiket opgeplakt, terecht of onterecht? Het lijken er meer te zijn dan eigenlijk kan. Is dit zo? Vanwaar komt dit? Wat zijn etiketten? Wat gaat dat doen met onze kinderen als ze wat groter zijn? Wat kunnen we eraan doen?
Dat zijn de vragen waar de auteurs van dit boek zich over buigen. Ze gaan het maatschappelijk debat aan rond de vraag of we onze kinderen wel voldoende normaal laten zijn. Geen gemakkelijk debat maar de auteurs vinden dat we ons dringend moeten bezinnen over het gebruik van deze etiketten!

Vanuit de afbakening van wat er verstaan kan worden onder 'problemen' wordt naar de oorzaken gekeken van de overdiagnosticering. Het lijkt op het eerste zicht vergezocht de oorzaak te zoeken in het feit dat de dag van vandaag onze gezinnen uit gemiddeld 1 à 2 kinderen bestaan. Maar is het inderdaad niet zo dat we als ouders willen dat onze kinderen goed presteren? Dat ze bij de beste zijn? Maken we ons inderdaad niet meteen zorgen als niet alles loopt zoals 'het zou moeten'? In grote gezinnen is het normaal dat niet iedereen slim is. Er moet er toch zeker eentje bij zitten die liever met zijn handen werkt. Volgens de auteurs is het dan ook de dag van vandaag moeilijker te aanvaarden dat je kind niet (boven)gemiddeld scoort op alles. Ouders voelen het aan als een eigen 'falen' als niet elk van hun kinderen perfect is. Tegelijk zijn ouders vaak onzekerder over de opvoeding en is het, volgens de auteurs, gemakkelijker te accepteren dat je kind een probleem heeft, dan toe te geven dat je zelf als ouder misschien wel wat steken hebt laten vallen bij het opvoeden.

De auteurs staan lang stil bij de verschillende maatschappelijke en opvoedkundige oorzaken. Maar als lezer willen we ook handvaten om ermee om te gaan. Die blijven vaag. De auteurs geven ook aan dat het niet hun bedoeling was om het probleem op te lossen. Maar daar blijf ik toch wel wat op mijn honger zitten als hulpverlener. Tegelijk neem ik wel mee dat het vooral belangrijk is het kind in zijn geheel te blijven zien en niet enkel het etiket dat er is opgeplakt! Toch wel een mooie boodschap en voor wie zich vragen stelt bij de vele diagnoses zeker een boek dat de moeite waard is om eens door te nemen en zo het debat er rond te starten.

Els Coorevits

Meer informatie over dit boek kan je vinden bij Uitgeverij Lannoo top

Bijbel voor kinderen.

Bartos-Höppner & Seelig, R., Bijbel voor kinderen, Ark Media, Amsterdam, 2012, 128 p.
ISBN 978 90 338 3163 8

Deze Bijbel, bestemd voor kinderen vanaf 9 jaar, bevat meer dan 70 aansprekende verhalen uit het Oude en het Nieuwe Testament. Zij zijn in een begrijpelijke en invoelbare taal naverteld door Barbara Bartos-Höppner, auteur van zowel kinder- en jeugdboeken als historische boeken. In de vertelling zoals zij oorspronkelijk uit de Bijbel komt verwerkt zij voorzichtig en niet-belerend elementen die het verhaal duiden en bijdragen tot het begrijpen ervan. Tussendoor maken de kinderen kennis met Bijbelse feesten en een aantal christelijke begrippen.
Op het einde van het boek worden in twee bladzijden (in wat te kleine letters) enkele suggesties beschreven om actief en creatief om te gaan met vijf verhalen en ze met alle zintuigen te beleven. Het is de bedoeling deze voorbeelden ook toe te passen op andere Bijbelverhalen.

Renate Seelig, illustrator van kinderboeken, stond in voor prachtige tekeningen in rijke, zachte kleuren. Zij vermijden (meestal) een fantastische en wonderzuchtige interpretatie van de Bijbelteksten, maar helpen de lezers om zich in te leven in de gelovige boodschap en levenshoudingen die de verhalen aanbrengen.

Frans Hitchinson
top

De troost van het lijden.

Heij, S., De troost van het lijden. Bijbelse teksten over de compassie van God, Kok, Utrecht, 2011, 143 p.
ISBN 978 90 435 1899 4

In dit boek verzamelt Sjoerd Heij een bloemlezing van teksten over Gods medelijden. Voor het grootste deel gaat het om Bijbelteksten. Drie hoofdstukken groeperen Oudtestamentische teksten, respectievelijk uit 'de Wet', 'de Profeten' en 'de (overige) Geschriften'; twee hoofdstukken brengen respectievelijk teksten samen van en over 'de Christus' en 'de christenen'. Daarnaast zijn ook enkele christelijke liederen en een paar citaten van oude joodse en christelijke schrijvers opgenomen. Overbekende teksten staan zij aan zij met veel minder bekende passages. De samensteller maakt gebruik van allerlei verschillende vertalingen, ook andere dan in het standaard Nederlands – hij hoopt dat daardoor bekende teksten de lezer als nieuw zullen aanspreken. Elk hoofdstuk begint met een korte inleiding en een liedtekst.

Het is niet de bedoeling dit boek in één keer uit te lezen, maar het eerder in stukjes door te nemen. De afbeeldingen kunnen de reflectie ondersteunen. De lezer kan de teksten gebruiken bij het bidden of om na te denken over het probleem van het lijden. Er wordt naar gestreefd dwarsverbindingen in de Bijbel zichtbaar te maken: wat heeft bijvoorbeeld het lijden van de profeten met dat van Jezus te maken, of hoe verhoudt het lijden van Jezus zich tot dat van zijn volgelingen of van ons vandaag?

Volgens de Bijbel is lijden niet zonder betekenis. Het gaat niet buiten Gods weten om en Hij lijdt met de mensen mee. Deze bloemlezing wil laten zien dat lijden ondanks alles een rol speelt in Gods liefdevolle handelen met mensen. De troost die daaruit kan voortkomen vraagt een moeizame worsteling met de teksten die hier worden aangeboden. Sommige lezers zouden in deze vrij eenzame worsteling wellicht meer geholpen zijn als de samensteller ook wat meer gids was.

Frans Hitchinson
top

Dood voor onze ogen. Leven in het licht van de eeuwigheid

H. PAUL & W. DE BRAAL (red.), Dood voor onze ogen. Leven in het licht van de eeuwigheid, Uitgeverij Kok, Utrecht, 2011, 235 blz.
ISBN 978 90 43519 48 9

Een van de meest ingrijpende momenten in een mensenleven is de confrontatie met de dood. De dood is een mysterie, de vergankelijkheid en eindigheid van het bestaan roepen steeds opnieuw onoplosbare vragen op. In alle tijden, culturen en religies hunkeren mensen naar een houvast, naar troost en antwoorden – ook al zijn die onvermijdelijk aarzelend, voorlopig en gebrekkig. De dood van een geliefde treft mensen in hun diepste zijn. Het dagelijkse leven is vaak niet langer alledaags, maar komt in een ander licht te staan. De dood doet ons anders in het leven staan. Dit is dan ook de centrale vraag van de verzamelbundel "Dood voor onze ogen. Leven in het licht van de eeuwigheid": hoe doet de dood ons leven? Hoe vinden we als christen de juiste levenshouding waarbij de dood niet als eindpunt gezien wordt? Hoe spreken we over leven ná de dood of eeuwig leven?

"Zolang wij er zijn, is de dood er niet, en wanneer de dood er is, zijn wij er niet", meent de Griekse wijsgeer Epicurus. Een heldere stelling die evenwel weinig troost biedt. Dat het leven nu juist wel onlosmakelijk verbonden is met (het leven na) de dood, vinden we als een fijnzinnige rode draad terug in het hele verzamelwerk. Bovendien kunnen we over de dood allerlei theoretische beschouwingen weergeven, maar onvermijdelijk komt de vraag: wat doet dit met mij? Wat betekenen deze inzichten voor mijn leven? Juist dit besef vind ik een belangrijke meerwaarde aan dit boek. In dit verband vond ik de bijdrage over de Deense filosoof Kierkegaard bijzonder inspirerend. Hij meent dat de mens zich op verschillende wijzen kan verhouden tot de dood, gaande van de dood objectiveren (wat hij als een vorm van vertwijfeling beschouwt), tot de ernstige gedachte aan de dood toelaten en de angst onder ogen zien. De doodsgedachte hoeft niet noodzakelijk tot zwaarmoedigheid te leiden, maar brengt je paradoxaal genoeg midden in het leven: de dood geeft vaart aan het leven zoals een boog vaart geeft aan een pijl. Dit impliceert voor Kierkegaard ook een openheid voor de ander en een gelijkheid van allen.

De bundel 'Dood voor onze ogen' werd uitgegeven naar aanleiding van het twaalfde lustrum van het C.S.F.R., een Nederlandse reformatorische studentenvereniging. Redacteurs van dienst zijn Herman Paul en Wilke de Braal. De auteurs zijn werkzaam in de Nederlandse context, zijn atheïstisch of verbonden aan de gereformeerde of katholieke traditie. In het boek is er ruimte voor veelstemmigheid. Alleen al de verschillende invalshoeken getuigen hiervan: sociologische, historische, filosofische en theologische bijdragen kleuren het verzamelwerk dat tien bijdragen bevat. De lezer krijgt uitleg over begrippen als 'rituele bricolage', 'digitale onsterfelijkheid', ars moriendi of welstervenskunst. Inzichten van Plato, Paulus, Augustinus, Kierkegaard, Prediker, maar ook van Bekende Nederlanders passeren de revue. Met deze verzamelbundel hopen de auteurs een aanzet te hebben gegeven tot verdere doordenking en gesprek over de eindigheid van ons leven. Een verdienstelijke poging.

Inge Neyens


top

Bij Jezus in de buurt.

Boter, I., Bij Jezus in de buurt. Kijk- en zoekboek., Ark Media, Amsterdam / Kwintessens, Hoevelaken, 2011, 28 p.
ISBN 978 90 33831 48 5


Dit is geen tekstboek met Bijbelverhalen maar een kijk- en zoekboek, dat in twaalf zoekplaten van een dubbele bladzijde het leven van Jezus uitbeeldt. Kinderen die deze verhalen al kennen kunnen van bij de eerste oogopslag gemakkelijk zien welk verhaal wordt weergegeven. In de rand van dit centraal gebeuren plaatst tekenares Iris Boter allerlei herkenbare Bijbelse figuren of gewone mensen die in de buurt van Jezus blijven en daardoor zelf een verhaal te vertellen hebben. Ook parabels zijn in de tekeningen verstopt. Op elke plaat duikt een aantal personen steeds opnieuw op.
Dit originele boek vormt een boeiende uitdaging voor de jonge kijker om alle elementen te ontdekken en dan na te denken waarom ze op die manier zijn weergegeven. Het zoeken wordt ondersteund door een website die alle verhaallijnen en Bijbelverwijzingen weergeeft.

Frans Hitchinson



top

Nesten. Hoe gezinnen echt leven

Adriaenssens, P. & Rawoens, W., Nesten. Hoe gezinnen echt leven, Lannoo, Tielt, 2012, 189 p.
ISBN 978-90-209-9835-1

'Nesten' is een prachtig boek in vele opzichten.
Als lezer raak je meteen gecharmeerd door de verzorgde kaft met een guitig beeld van een jong gezin dat je toelacht.
Uit de cover spreekt meteen het opzet van het boek . Het is een boek over wat je huis tot een nest maakt, over "een thuis dat smaakt naar de saus van oma", over de dingen die herkenbaar 'thuis' zijn. Herkenbaar: geen boek over huizen waar alles piekfijn in orde ligt, afgestoft en uitgemeten. De lezer bladert door het leven zoals het geleefd wordt, in zijn volheid en in zijn milde chaos.

Het boek laat de lezer aan de hand van foto's binnenkijken in het leven van twaalf gezinnen. De foto's zijn voor de auteur een vertrekpunt om terug te gaan naar de essentie, naar datgene wat je huis tot een echt nest maakt. Hij houdt een pleidooi voor een levend huis waarin zichtbaar en voelbaar is wie er woont: een huis waarin we levend houden wat ons verbindt, waarin we datgene tonen waarmee we het fijn hadden, waarin onze krachten uitgestald staan.
Dit verwezenlijken is een proces en verdraagt een zekere traagheid. Een huis is bij voorkeur niet meteen 'af'. Het volgt de tred van de tijd, de evolutie van de kinderen, de gebeurtenissen van de dag. Een huis mag niet stilstaan. Een echt nest is steeds in beweging, net zoals een gezin zichzelf ook steeds omvormt.
Voorwaarde voor het creëren van een nest is dat er gecommuniceerd wordt tussen de generaties: Wie ben ik? Wie bij jij? En hoe kunnen we dit vertalen in een leefbare plek voor ons allen?

Visueel is het boek rondom de foto's opgebouwd. De beschouwingen van Peter Adriaenssens nemen de lezer mee in fotodetails die voor de auteur treffend zijn. Tegelijk is de commentaar niet overladen. Het boek valt op door witruimte, alsof je als lezer dezelfde oefening kan doen en vanuit jouw eigen context een verhaal bij de beelden kan neerpennen. In die zin is het een doe-boek. In de teksten worden ook enkele opdrachten gesuggereerd die je als gezin kan uitvoeren.

Tot slot: 'Nesten' is een snuisterboek. Het is niet verboden om het in één ruk uit te lezen, maar het biedt evenzeer de kans om stil te staan bij een bepaald thema, te mijmeren bij een beeld of te proeven van enkele gedachten. De toon van mildheid maakt het ook tot een prachtig geschenkboek voor al wie hunkert naar waar het echt om draait: het speels creëren van een warm nest waar elk gezinslid zich thuis mag voelen.

Sylvie De Ruyck

Meer informatie over dit boek vind je op de website van Lannoo top

Saar en Jop. Praten over seksualiteit

Borger-Korf A. & Ten Berge M., Saar en Jop. Praten over seksualiteit, Ark Media, Amsterdam, 2012, 32 p.
ISBN 978-90-3383-216-1

Arjet Borger-Korf is gezondheidswetenschapper en gespecialiseerd in het thema seksualiteit. Ze heeft een adviesbureau en schreef de website www.vrijeliefde.nl. Ze is getrouwd en heeft twee dochters. Samen met illustrator Marieke ten Berge, die ook moeder is, ging ze voor een tweede keer aan de slag. Eerder, in 2011, verscheen namelijk het eerste boekje van Saar & Jop, over identiteit, vriendschap en intimiteit. Dit boekje over relationele vorming is gericht op 3- tot 6-jarigen en kreeg, volledig terecht, lovende recensies.

Borger is van mening dat het vaak niet makkelijk is om over seksualiteit te praten met kinderen. Toch hebben ook kinderen vragen over seksualiteit en nood aan informatie hierover. De auteur is ervan overtuigd dat kinderen weerbaarder worden door er vroeg over te praten. Het boek 'Saar en Jop, praten over seksualiteit' is een prentenboek dat iedereen die kinderen heeft of met hen werkt helpt om met hen in gesprek te gaan over hoe een baby ontstaat en groeit in de buik. Het prentenboek sluit aan bij de belevingswereld van kinderen van 4 tot 7 jaar.

In het verhaal komen Saar en Jop enthousiast thuis van school, want hun juf is zwanger. De kinderen zijn het niet eens of de juf nu al dan niet een ei in haar buik heeft. Dit is voor de mama van Saar de ideale aanleiding om de kinderen uit te leggen waar kindjes vandaan komen. Op deze manier komt het thema op een open en natuurlijke manier ter sprake. Er wordt heel summier in woord en beeld basisuitleg gegeven over het ontstaan en de groei van nieuw leven, zonder lang stil te staan bij seks en voorplanting. Hierdoor wordt vooral veel ruimte gelaten aan ouders om het gesprek met hun kind op hun eigen niveau te voeren. Later als Jop wil spelen dat hij een baby in zijn buik heeft, gaat het gesprek over het verschil tussen jongens en meisjes, mannen en vrouwen.

Bij dit gesprek kunnen de tekeningen een extra ondersteuning bieden. Deze zijn kleurrijk, duidelijk, gedetailleerd en teder, waardoor ze heel herkenbaar zijn voor de doelgroep. Zo zijn er onder andere prenten van naakte mensen in elke levensfase. De bevruchting van het eitje wordt heel goed uitgelegd, maar toch is het boek ook heel voorzichtig. Zo wordt er niets getoond over de vrijpartij en de bevalling. Het is heel duidelijk dat het boek voor een christelijk publiek is geschreven en er komt tevens een zeer expliciete pro-life boodschap aan bod, waarin gezegd wordt dat een bevrucht eitje een hele, hele kleine baby is. Het grote pluspunt van het boekje is dat het inhoudelijke verhaal op zo'n manier verteld wordt, dat seksualiteit een heel normaal onderwerp wordt. Knap!

Evelien Luts

Meer informatie over dit boek vind je op de website van Uitgeverij Ark Media


Saar en Jop. Over identiteit, vriendschap en intimiteit

Borger-Korf, A., Saar en Jop. Over identiteit, vriendschap en intimiteit, Kintessens Uitgevers/Ark Media, Amsterdam, 2011, 25 p.
ISBN 978-90-3383-133-1

Auteur Arjet Borger studeerde Gezondheidswetenschappen, heeft een adviesbureau en verdiept zich graag in het thema seksualiteit. Vanuit haar moederschap ontstond het idee om een kinderboek rond dit thema te schrijven. Samen met illustrator Marieke ten Berge ging ze aan de slag. Deze laatste tekent al van jongs af aan en heeft al heel wat ervaring als illustrator van kinderboeken. Ook zij is moeder en haalt veel inspiratie uit haar kinderen bij het tekenen. Voor het boek Saar en Jop heeft ze vooral gekeken naar de leefwereld van haar dochter en wat zij leuk vindt aan jongens en hoe zij tegen vriendschap en liefde aankijkt.
Het belangrijkste doel van het boek is om ouders met kinderen tussen de 3 en de 6 jaar te helpen praten over intimiteit. De visie van de auteur is dat, als je als kind een positieve boodschap mee krijgt over seksualiteit, je weerbaarder bent en het risico om negatieve relaties en seksuele ervaringen op te doen kleiner. Door middel van dit prentenboek kunnen kinderen al op jonge leeftijd op een luchtige en natuurlijke manier kennismaken met de drie hoofdthema's: identiteit, vriendschap en intimiteit. Dit boek maakt het voor ouders gemakkelijker om over zulke thema's te praten en helpt hen om hun eigen waarden en normen hieromtrent duidelijk te maken en misschien zelfs door te geven aan hun kinderen. Door in gesprek te gaan met hun ouders, zullen kinderen ontdekken hoe uniek en kostbaar ze zijn.
Het verhaal zelf gaat over twee kinderen, Saar en Jop, die bij elkaar logeren en samen spelen. De twee hoofdpersonages doen dagelijkse dingen, zoals een verhaaltje voor het slapengaan, douchen, aankleden, ontbijten en samen spelen. Borger's verhaal sluit aan bij de interesse van kinderen voor de lichamelijke verschillen tussen jongens en meisjes. Op die manier ontdekken Saar en Jop hun eigen lichaam en dat van de ander, en kan de kleine lezer ook nadenken over zichzelf.
In het boek komt er drie keer een praatplaat voor. De eerste gaat over kleding, de tweede over speelgoed en de laatste gaat over iemand lief vinden. Deze praatplaten geven ruimte voor vragen en antwoorden. Door hier met hun ouders over te spreken, kunnen kinderen zich bewust worden van wie ze zijn, welke keuzes ze maken en waarom ze die maken.
Achteraan in het boek zijn gespreksvragen voor twee doelgroepen (3-4 jaar en 5-6 jaar) opgenomen, om de ouders richtvragen te geven bij het boek. Op de website www.saarenjop.nl zijn nog extra's te vinden: Informatie over seksualiteit bij kinderen, gesprekstips, kleurplaten en Bijbelvoorbeelden. De frisse, aantrekkelijke en gedetailleerde illustraties nodigen uit om te praten over de thema's en passen perfect bij de tekst.

Evelien Luts

Meer informatie over dit boek vind je op de website van Uitgeverij Ark Media top

Ouders opgelet!

Po Bronson & Ashley Merryman, Ouders opgelet! Baanbrekende inzichten over opvoeden, Maven Publishing B.V., Amsterdam, 2012, 350 p.
ISBN 978-94-9057-431-4

Toen de twee Amerikaanse journalisten Bronson en Merryman in 2009 de originele, Engelstalige versie van dit boek, NurtureShock, uitbrachten, werd het het meest invloedrijke boek over kinderen ooit genoemd. De eerste auteur, Bronson, onderzoekt het leven van echte mensen en schrijft boeken. Psychologe Merryman is een succesvolle journaliste en bevroeg onderzoekers naar het effect dat het geven van complimenten heeft op kinderen. De basis van de oorspronkelijke versie van dit boek werd gelegd toen Bronson en Merryman een column schreven over dit thema, namelijk zelfvertrouwen bij kinderen. Het buikgevoel van de auteurs vertelde hen dat kinderen meer zelfvertrouwen krijgen als ze horen dat ze slim zijn, maar uit het onderzoek bleek net het omgekeerde.
Net zoals bij dit thema, zijn de antwoorden op de meeste gestelde vragen in het boek Ouders opgelet! vaak tegenintuïtief. Veel van onze algemeen geaccepteerde ideeën over opvoeden blijken door wetenschappelijke onderzoeken duidelijk achterhaald. Naast wetenschappelijke resultaten worden in het boek ook talrijke handvaten gegeven om kinderen op te voeden en op een meer begripvolle manier met hen om te gaan. Wat het boek (gelukkig) niet doet, is strikte opvoedregels voorschrijven. Het reikt belangrijke en interessante thema's aan om verder na te denken over het opvoeden van baby's tot jongvolwassenen.

Elk hoofdstuk in het boek bestaat uit een verzameling van - meestal Amerikaanse - onderzoeksgegevens en kan ook telkens op zich gelezen worden. De tien hoofdstukken handelen over de volgende thema's: Het averechtse effect van het geven van complimenten aan kinderen, het belang van genoeg slaap bij kinderen en de gevolgen van tekorten, het veroorzaken van rassendiscriminatie door niet over rassen te praten met kinderen, liegen, de minimale voorspellende waarde van intelligentietests bij kleuters, ruzies tussen broers en zussen, tienerrebellie, het ontwikkelen van zelfregulatie bij kleuters, het ontwikkelen van zelfvertrouwen en het stimuleren van taalvaardigheid bij baby's en peuters.

Het boek is een aanrader om alle ouders van baby's tot pubers en alle professionals die met kinderen werken stevig aan het denken te zetten. Door op een vlotte wijze wetenschappelijke resultaten te bespreken en deze aan de hand van –vaak erg grappige- anekdotes en voorbeelden te verduidelijken, geeft Ouders opgelet! een heel nieuwe kijk op opvoeden. De geïnteresseerde lezer wordt in de watten gelegd door de aan het einde van het boek uitgebreide noten, waarbij onderzoeksresultaten verder toegelicht worden. Een indrukwekkende, vijftig bladzijden lange bibliografie en een woordenregister sluiten dit boek af. Een echte aanrader!

Evelien Luts

Meer informatie over dit boek vind je op de website van Uitgeverij Maven Publishing top

Ik vier de mis mee

Marie-Hélène Delval, Ik vier de mis mee, Baarn, Adveniat geloofseducatie, 2013, 59 p.
ISBN 978 94 9104 259 1

Ik vier de mis mee is een vertaling van het Franse 'Mon livre de messe', uitgegeven door Bayard Jeunesse in 2011. Het is een boekje in een klein formaat (15 x 15 cm), gedrukt op mooi papier en voor bijna de helft voorzien van bladvullende tekeningen. De illustraties zijn mooi en passen bij de tekst die op de bladzijde ernaast staat.

Ik vier de mis mee volgt het verloop van een eucharistieviering van begin tot einde, meestal aan de hand van een verkorte maar erg tekstgetrouwe versie van de gebeden in het altaarmissaal. Onderaan de bladzijden staat voor de kinderen een toelichting van hooguit twee zinnen. De uitleg wordt in dezelfde geloofstaal als de oorspronkelijke teksten gegeven, en mist daardoor aansluiting met de taal en de leefwereld van eerste communicanten anno 2013, die doorgaans niet zo vertrouwd zijn met het kerkelijke jargon. Zo staat er bijvoorbeeld bij de instellingswoorden als uitleg: 'De priester heft de kelk op. Dit is het Bloed van Christus, voor ons vergoten.' Ik mis hier een paar zinnen extra uitleg waarin op een eenvoudige manier verwoord wordt dat Jezus' bloedvergieten te maken heeft met 'liefde die er alles voor over heeft, die tot het uiterste gaat'.

De tekst, door Adveniat geloofseducatie uitgegeven in samenwerking met het Bisdom Roermond en met imprimatur van Mgr. Everard de Jong, is geen hertaling in eenvoudige woorden van wat er in de mis gebeurt. De tekst geeft beknopt weer hoe een eucharistieviering verloopt, en dit vooral aan de hand van de klassieke gebeden en gebedsformules. Achteraan in het boekje staan de integrale teksten van het Gloria en de Geloofsbelijdenis.

Het boekje zet hoog in en is daarom vooral geschikt voor kinderen die heel regelmatig met hun (groot)ouders naar de mis gaan, die vertrouwd zijn met de liturgische taal en die er verdere uitleg over kunnen vragen aan hun (groot)ouders.

Ik vier de mis mee is een boekje dat een plaats verdient in kerken, waar voor jonge kinderen kinderbijbels en Bijbelse prentenboeken ter beschikking zijn tijdens de vieringen.

Hilde Pex

Meer informatie over dit boek vind je op de website van Uitgeverij Adveniat geloofseducatie  top

Lijden in Gods hand. God wil meer dan ons geluk

Rosier Christa, Lijden in Gods hand. God wil meer dan ons geluk, VBK Media, 2011, 143 p.
ISBN 978 90 297 9686 6

Toen ik dit boek in handen kreeg, was ik meteen onder de indruk. Het is een mooi, aantrekkelijk boek. Het is niet donker en somber, maar er wordt creatief omgesprongen met kleuren en lettertypes. Het boek is doorweven met bijbelcitaten en fragmenten uit columns van Rosier in het tijdschrift Eva. Elk hoofdstuk belicht het lijden vanuit een andere invalshoek, telkens verbonden met een bijbeltekst en ondersteund door een schilderij van Rosier zelf. De grote sterkte van het boek is dat het doorleefd is. Ze schrijft niet vanop een veilige afstand over het lijden, maar ze heeft alles letterlijk aan den lijve meegemaakt. Zo stierf haar 14-jarige zoon in 2001 na een slepende ziekte en verloor ze zelf in 2011 de strijd tegen borstkanker. Heel oprecht beschrijft ze haar vele vragen, haar eigen worstelen met het lijden en het worstelen met God.

Net zoals bij zovelen, speelt ook bij de auteur de waaromvraag van het lijden een centrale rol. Ze gaat op zoek naar een verklaring voor het lijden en ze zoekt die verklaring bij God. Ik heb het hierbij eerder moeilijk met het 'nut' of 'doel' dat ze, en in het nawoord ook haar echtgenoot, toeschrijft aan het lijden en hiermee parallel, met het gehanteerde godsbeeld. Zo citeert ze in het voorwoord R. Dunn die zegt dat lijden Gods vreemde dienstknecht is. Lijden dient volgens Rosier om mensen dichter en oprechter bij God te brengen. Vanuit mijn context in de ouderenzorg, merk ik dat lijden mensen vooral verbitterd maakt, zodat sommigen zich zelfs gaan afkeren van God. Waar zij een sterke klemtoon legt op de almacht van God, soms zodanig dat zijn goedheid hierdoor in het gedrang komt, leg ik meer de nadruk op God als een meelevende lotgenoot, God die almachtig is in goedheid. In het laatste hoofdstuk over het kennen van God, grijpt de auteur streng terug naar de almacht en de rechtvaardigheid van God. Zelf leerde ik God het meest kennen in Jezus Christus. De manier waarop God begaan is met de lijdende mens wordt heel concreet in de menswording van Jezus en bereikt een hoogtepunt in de kruisdood. Hier is Jezus helemaal een geworden met de lijdende mens. God zelf toonde zich hierbij niet als behoeder voor het lijden, maar wel in het lijden. Deze idee vind ik terug in hoofdstuk 10 over de psalmen waar Rosier onder andere aan de hand van psalm 23 en psalm 139 aanhaalt dat God "niet met ons om het dal van diepe duisternis heen" gaat, maar er dwars doorheen (p. 94). Ik heb het dan wel moeilijker met haar besluit van hetzelfde hoofdstuk waar ze het lijden als het ware rechtvaardigt als een beproeving die God ons oplegt om op hem te leren vertrouwen. Dit gaat voor mij een brug te ver.

Zelf ontsnapt de zin van het lijden me, lijden lijkt me zinloos, maar, net zoals Rosier, vertrouw ik er wel op dat God is afgedaald tot in de meest duistere hoek van het menselijke bestaan, tot in het donkerste dal, en dat hij daar steunend en leidend nabij is. Doorheen het boek lees je hoe zowel de auteur als haar zoon deze dragende nabijheid van God mochten ervaren, vooral doorheen de psalmen, maar ook in de mensen die doorheen het lijden aan hun zijde bleven.

Annelies Muys

Meer informatie over dit boek vind je op de website van Uitgeverij Kok top

Dialoog en participatie. Over hedendaagse uitdagingen van het christelijk geloof

Reimund Bieringer, Dialoog en participatie. Over hedendaagse uitdagingen van het christelijk geloof, Leuven, Acco, 2010, 195 p.
ISBN 978 90 334 7630 3

Reimund Bieringer, professor in de exegese van het Nieuwe Testament aan de Faculteit Godgeleerdheid van de KU Leuven, heeft in dit boek enkele teksten samen gebracht die hij oorspronkelijk schreef in de context van het onderwijs (het opleidingsonderdeel Religie, zingeving en levensbeschouwing aan de faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen van de KU Leuven) of als voordrachten. Hij vertrekt van de overtuiging dat de hedendaagse godsdienstmoeheid en de desinteresse voor het (christelijk) geloven het gevolg zijn van het opsluiten van het religieuze in het verleden en van de weigering om de mens als partner te laten deelnemen aan het religieuze gebeuren. De christelijke godsdienst moet niet exclusief genormeerd worden door heilige boeken en andere teksten uit het verleden. Het christelijk geloof heeft nood aan een visioen en een droom en moet dus evenzeer door de toekomst genormeerd worden.

In dit boek worden daarom centrale thema's van het christelijk geloof onder de norm van de toekomst geplaatst. Bieringer bespreekt de relatie tussen de theologie en de religiewetenschap en de implicaties daarvan voor de Bijbelwetenschap. Na een schets van verschillende historisch gegroeide methoden van Bijbelinterpretatie toont hij aan dat zowel het Bijbels als het wetenschappelijk fundamentalisme eenzijdig zijn in hun benadering van de Bijbel. Hij verkent de nieuwe mogelijkheden van de Bijbel in de digitale media en pleit vooral voor een hermeneutisch omgaan met Bijbelteksten, met ruimte voor dialoog en participatie, voor de persoonlijke betrokkenheid van de lezers en een pluraliteit van interpretatiepaden. Bieringer is ervan overtuigd dat er alleen toekomst is voor de Bijbel als de interpretatie van de Bijbel alle pogingen in vraag stelt om aan de mensen toekomst te ontnemen en als zij mensen machtigt om zich in te zetten voor een toekomst volgens de droom van God voor alle mensen.

Naast de bijdragen over Bijbelinterpretatie zijn er ook fundamentele artikelen over de historiciteit van Jezus, over Jezus' woorden in het Johannesevangelie, over de vraag van het lijden van Jezus (vanuit Jezusfilms) en van de mens in het algemeen, over sociale rechtvaardigheid en in het bijzonder de vraag van het menselijk bezit, over de ecologie in Bijbels toekomstperspectief en over de rol van de vrouw, vertrekkend van het evangelie over de vrouw bij het graf van de verrezen Christus.

De thema's van Bieringers waardevolle boek zijn zeer gevarieerd en kunnen dus een brede waaier van lezers aantrekken. Voor de teksten over Bijbelinterpretatie zal enige voorkennis van de problematiek en van de terminologie hierover de lectuur beslist wat gemakkelijker maken.

Frans Hitchinson 

Meer informatie over dit boek vind je op de website van Uitgeverij Acco top

Doodgelukkig leven. Hoopvolle verhalen uit het ziekenhuis

Jan De Cock, Doodgelukkig leven. Hoopvolle verhalen uit het ziekenhuis, Tielt, Uitgeverij Lannoo nv, 2012, 245 blz.
ISBN 978-94-014-0256-9

Jan De Cock is ziekenhuispastor in het Universitair Ziekenhuis van Antwerpen. Hij werd bekend om zijn engagement voor de gevangenen in de wereld. Hij trok wereldwijd langs 160 gevangenissen en liet zich vrijwillig opsluiten om 'van binnenuit' de polsslag te voelen van mannen en vrouwen achter de tralies. 

In dit boek neemt De Cock de lezer gedurende een jaar mee door het ziekenhuis, van bed tot bed. De titels van de hoofdstukken zijn de maanden van het jaar. Het boek begint op Oudjaar en eindigt het jaar nadien bij Nieuwjaar. Elk hoofdstuk bestaat uit enkele hoopvolle verhalen uit het ziekenhuis. Recht uit het leven geplukt. Als lezer heb je het gevoel mee te lopen langs mannen die naar adem happen, langs vrouwen die voor hun schoothond van de trap zijn gevallen, langs kinderen die zich verslikken in kerstomaatjes of balletdansers die sterven als zwanen. Hij vertelt verhalen van Belgen en buitenlanders, van jong en oud, van patiënten op cardiologie, gynaecologie, tropische ziekten, neonatologie enzovoort. Maar hij vertelt ook verhalen van artsen, verplegers en ander ziekenhuispersoneel.

De verhalen zijn vaak ontroerend, soms zelfs dramatisch, maar vaak ook humoristisch. De auteur weet je tegelijk te ontroeren en aan het lachen te brengen.

Een rode draad doorheen het boek is Chris, een jongeman die getrouwd is en twee kinderen heeft, evenals de diagnose van een kwaadaardig gezwel in zijn bil. Bij elk hoofdstuk hoort een stukje over Chris' verhaal, weergegeven door een grijze in plaats van een witte achtergrond. Een bijzonder verhaal van een spontane warme vriendschap tussen hulpverlener en patiënt, in een gezamenlijke zoektocht naar zin en onzin van het leven en de dood. Een verhaal van steun en toeverlaat, tot na de dood. De auteur is van mening dat de dood in onze cultuur te veel op een afstand gezet wordt, in tegenstelling tot andere culturen. Het boek leert je op een speelse manier om het thema dood met mildere ogen te bekijken.

Zijn verhalen brengen steun, troost en bemoediging voor iedereen die met zieke of stervende mensen in aanraking komt. Zowel zorgverleners, dokters als verplegend personeel vinden in dit boek terug hoe je in moeilijke situaties toch een gesprek kunt aanknopen en woorden van bemoediging kunt geven aan patiënten, hoe je aan zieke en stervende mensen het vertrouwen kan bieden dat het leven tot het einde veel goeds te bieden heeft.

Evelien Luts 

Meer informatie over dit boek vind je via de website van Uitgeverij Lannoo top

Opvoeding in evolutie. Vroegere gewoontes, actuele uitdagingen, talloze tips

Joost Devolder, Opvoeding in evolutie. Vroegere gewoontes, actuele uitdagingen, talloze tips, Antwerpen-Apeldoorn, Garant, 2011, 219 p.
ISBN 978 90 441 2747 8

Joost Devolder werkt als psychopedagogisch begeleider bij de West-Vlaamse Pleeggezinnendienst te Roeselare. In het grootste deel van dit boek ontwikkelt hij het verhaal van een Vlaamse plattelandsfamilie dat hem toelaat de Vlaamse opvoedingsgeschiedenis van de laatste drie generaties te schetsen. In het verhaal komt een kinderpsychologe voor die omkomt bij een verkeersongeval en in wiens wagen een manuscript gevonden is voor een boek over opvoeding. Dit biedt een ideale reeks instappen om alle actuele pedagogische thema's ter sprake te brengen. Op een eenvoudige, verhalende manier maakt Devolder duidelijk wat voor onze ouders en grootouders prioritair was bij het 'groot brengen' van hun kinderen en hoe het vandaag gezien wordt. Het komt neer op een verminderen van de geloofsinvloed en het strikte gezag in de opvoeding en het toenemen van persoonlijke vrijheid en zelfrealisatie. Alle thema's van de opvoeding komen in dit boek aan bod: van warme nabijheid, zelfstandigheid en zelfvertrouwen over openheid, veiligheid, respect en gezag, tot zelfbeheersing en straffen, en zoveel meer. Vaak vat de auteur zijn uiteenzetting kernachtig samen in een vlotte slogan of een soort formule.

Het voorlaatste en meest uitvoerige hoofdstuk van dit boek is een bijzonder heldere en inspirerende beschrijving van de ontwikkelingfasen die kinderen doormaken van hun geboorte tot hun adolescentie. Voor elke fase beschrijft Devolder de ontwikkeling van de zintuigen, de motoriek, de taal en de relatievorming en geeft hij opvoedingstips.

Voor wie vaak met pedagogiek bezig is, houdt dit boek geen verrassingen in. Voor ouders, leerkrachten en begeleiders biedt het een overzichtelijk en zeer vlot leesbaar inzicht in het actueel pedagogisch denken in Vlaanderen, ruimschoots verbonden met concrete raadgevingen voor de opvoedingspraktijk.

Frans Hitchinson

Meer informatie over dit boek vind je via de website van Uitgeverij Garant top

Goed aangepakt. Gesprekken over beroepsethiek bij kindermishandeling

Jos Kole, Mariëtte van den Hoven, Monique Janssens (ed.), Goed aangepakt. Gesprekken over beroepsethiek bij kindermishandeling, Amsterdam, SWP, 2012.

Deze geredigeerde bundel bestaat uit acht bijdragen en een inleiding. Zeven bijdragen zijn de weergave van gesprekken met professionals en academische experts inzake kindermishandeling. De laatste bijdrage biedt een samenvattend overzicht. Het boek handelt over de omgang van professionals met kindermishandeling en de vraag hoe hierbij vanuit ethisch standpunt het best gehandeld kan worden. De geïnterviewde personen zijn soms als jarenlang bezig met de thematiek van kindermishandeling (bijvoorbeeld de emeritus hoogleraar Herman Baartman) of hebben zich speciaal in het kader van dit project verdiept in deze thematiek en laten hun brede ethische kennis schijnen op de aanpak van kindermishandeling (bijvoorbeeld Bert Musschenga). Er is eveneens een interview met verschillende kinderartsen opgenomen. De ethicus Jos Kole nam de interviews af en redigeerde samen met Mariëtte van den Hoven en Monique Janssens de teksten. Het boek is zeer vlot leesbaar omwille van de interviewstijl. Het samenvattende artikel aan het einde biedt een interessant overzicht van verschillende aspecten in de beroepsethische benadering van kindermishandeling.

Bijzondere aandacht gaat naar het belang van deugden en de vorming van de persoon: ethisch omgaan met kindermishandeling heeft niet enkel met concreet gedrag te maken, maar ook met wie mensen zijn en welke algemene houding ze aannemen. Daarbij gaat het over deugden als moed, betrokkenheid, compassie, empathie, gezonde argwaan, nuchterheid, zorgvuldigheid enzovoort. Verder wordt ingegaan op het samengaan van intuïties, emoties en reflecties. Spontaan aanvoelen is zeer belangrijk willen mensen kindermishandeling opsporen en verder aanpakken – maar bredere reflectie en overleg met colllega's hulpverleners is eveneens van essentieel belang.

Dit boek vult een grote leemte: op het terrein van ethiek en kindermishandeling bestaat weinig onderzoek en literatuur. Tegelijkertijd is dit thema bijzonder relevant en actueel. Alle hulpverleners, en in het bijzonder ook artsen, hebben er baat bij dit thema verder te bestuderen. Het boek is geschreven vanuit de Nederlandse context qua wetgeving en hulpverleningsmogelijkheden, en vraagt hier en daar wat hertaling naar Vlaanderen. De ethische inzichten en het uitgebreide gamma ethische vragen dat ter sprake komt, zijn echter net zo goed voor de Vlaamse context van belang. 

Annemie Dillen

Meer informatie over dit boek vind je via de website van Uitgeverij SWP top

Verder na verlies. Jongeren werken aan hun rouw

Joke Korteweg (red.), Verder na verlies. Jongeren werken aan hun rouw, Utrecht, Kok, 2012, 111 p.
ISBN 978 90 435 0053 1

Voor jongeren die een verlies hebben meegemaakt, is in de dagelijkse drukte van een middelbare school soms niet zoveel aandacht. Joke Korteweg was jarenlang docente en vertrouwenspersoon aan het Wartburg College in Rotterdam en leidde daar een werk- en gespreksgroep voor leerlingen die met rouw te maken kregen. In dit boek vertelt een aantal van hen hoe zij het verdriet een plaats hebben gegeven in hun leven. De auteur kadert deze getuigenissen in de vier rouwtaken volgens William Worden, dezelfde die in Vlaanderen al geruime tijd worden gehanteerd dank zij de publicaties en het vormingswerk van Manu Keirse: onder ogen zien van het verlies, doorleven van het verdriet en de bijhorende pijn, aanpassen aan een 'nieuw' leven en oppakken van de draad van het eigen leven. In die zin is het psychologisch denkkader van dit werk niet origineel, maar de persoonlijke verhalen en gedichten van de leerlingen maken het boek zeer authentiek.

De jongeren hebben zich met hun teksten allereerst op leeftijdgenoten gericht. Maar zij bieden ook een handvat voor hun ouders, voor mensen die in het onderwijs werken en voor pastoraal geëngageerden. Elk hoofdstuk bevat diverse opdrachten, die op praktische wijze vorm geven aan de verwerking van verdriet en rouw. Dominee De Graaff heeft vanuit zijn ambt als predikant maar ook als ervaringsdeskundige meegedacht; hij heeft vooral bijgedragen tot de christelijke – sterk Bijbelse - duiding van het rouwgebeuren. Mooie foto's van Sjaak Boot verhogen nog de waarde en de aantrekkelijkheid van het geheel. Bij het schrijven heeft de redactrice God om wijsheid gebeden. Men kan ten volle aansluiten bij haar hoop dat God dit boek tot zegen laat zijn voor veel rouwende jongeren en ouderen.

Frans Hitchinson
top

Tegen-woordig. Jeugd en geloofscommunicatie vandaag

Didier Pollefeyt en Ellen De Boeck (red.), Tegen-woordig. Jeugd en geloofscommunicatie vandaag, Leuven, Acco, 2012, 260 p.
ISBN 978 90 334 8859 7

In dit boek gaat een verscheidenheid aan auteurs op zoek naar een authentieke manier van geloofscommunicatie met jongeren 'van tegenwoordig', die een 'tegenwoord' durven spreken, maar soms ook zelf nood hebben aan tegenwoorden.

Een eerste reeks bijdragen schetst de hedendaagse jeugd in haar verscheidenheid betreffende waarden, relaties en religiositeit. Bijzonder treft de positieve teneur. Pedro De Bruyckere toont dat jongeren wel degelijk verwachtingen hebben op het gebied van zingeving en ontmoetingen. Volgens hem kunnen de pastoraal en het godsdienstonderwijs daartoe een belangrijke bijdrage leveren, onder meer door het aanbrengen van verhalen en van mediawijsheid. Renilde Vos en Samuel Goyvaerts beschrijven de mogelijkheden van liturgie, bezinningsdagen en geïntegreerde projecten rond meditatie. Terwijl parochie, school en gezin vaak aan elkaar de zwarte piet doorspelen voor het matige succes van de godsdienstige vorming, pleit een gedreven Hans Van Crombrugge voor samenwerking en wederkerige ondersteuning tussen deze drie betrokkenen.

Een tweede reeks bijdragen bespreken theologen en godsdienstdidactici, vooral van de Leuvense Faculteit Theologie en Religiewetenschappen, specifieker de actuele kansen en moeilijkheden van het katholiek godsdienstonderwijs, ongeveer tien jaar na de invoering van nieuwe godsdienstleerplannen, met bijzondere aandacht voor het secundair onderwijs. De hoofdlijn is een bevestiging van de optie die destijds genomen werd, om via de katholieke godsdienstlessen aan reflexieve identiteitsvorming van jongeren te werken, in dialoog met de christelijke traditie, tegen een achtergrond van pluraliteit en secularisatie. Met behoud van het belang van vaardigheden en attitudes wordt erkend dat in godsdienstlessen de cognitieve dimensie meer aandacht kan krijgen – zonder weer naar strikte catechese over te gaan – omdat de andere kanalen van christelijke kennisoverdracht (gezin, parochie, media, culturele wereld) hier steeds minder aan bijdragen. Men realiseert zich ook sterk de inhoudelijke en didactische moeilijkheid van godsdienstonderricht in multireligieuze klasgroepen. Tussendoor nemen diverse auteurs positie in zowel tegen pogingen om in Vlaanderen het specifiek godsdienstonderricht af te bouwen en volledig of gedeeltelijk te vervangen door een pluralistisch algemeen-levensbeschouwelijk vak als tegenover de vraag van sommigen naar een sterkere profilering van het katholieke godsdienstonderwijs.

Dit zeer lezenswaardige boek is een grondige weergave van het hedendaagse denken over het katholiek godsdienstonderricht, met stevige voeten in de realiteit én in de overtuiging dat hedendaags godsdienstonderricht een waardevolle bijdrage kan zijn voor de samenleving en voor de ontplooiing van jongeren.

Frans Hitchinson

Meer informatie over dit boek vind je op de website van Uitgeverij Acco top

Leven in het zicht van de dood. Als iemand van wie je houdt sterft

Jacinta van Harteveld, Leven in het zicht van de dood. Als iemand van wie je houdt sterft, Ten Have, 2012.

'Altijd zal sterven pijn doen, niet altijd het sterven zelf, maar wel de weg ernaartoe. Het voelen dat het huis van je lichaam je dwarszit. Het voelen dat je zelfstandigheid moet inleveren. Het voelen dat zoveel onzeker wordt.' De woorden van Marinus van den Berg drukken uit dat sterven heel wat teweeg brengt. Er is het lichaam dat verandert en steeds meer afhankelijk wordt. Ook wordt de stervende met verschillende emoties geconfronteerd zoals angst en eenzaamheid. In het aangezicht van de dood stelt zich bovendien op een heel scherpe wijze de vraag: 'wie ben ik?'. Dit brengt vaak een terugblik op het eigen levensverhaal met zich mee, waarbij de relatie met geliefden een niet onbelangrijke rol speelt.

Dat het stervensproces bijzonder ingrijpend en intensief kan zijn voor de stervende en zijn of haar omgeving, komt in het boek 'Leven in het zicht van de dood' tot uiting. Het boek wil geen pasklare antwoorden bieden, maar een inspiratiebron zijn. Hoewel iedereen op zijn of haar eigen manier afscheid van het leven neemt, zijn er gemeenschappelijke elementen in het stervensproces te onderkennen. Zo komen thema's als vasthouden en loslaten, de vraag naar de eigen identiteit, het omgaan met pijn en emoties vaak aan bod. De verschillende thema's worden per hoofdstuk benaderd vanuit het perspectief van degene die gaat sterven, gevolgd door het perspectief van de naaste en dat van de zorgverlener. Elk hoofdstuk begint met een passende bezinnende tekst en eindigt met vragen die aan de lezer gericht zijn. Dit laatste verhoogt de betrokkenheid van de lezer met de inhoud van het boek.

Vanuit het perspectief van de stervende, beschrijft de auteur op een heel concrete manier hoe het lichaam van de stervende verandert, welke voortekenen er kunnen zijn bij het naderen van de dood, met welke beelden en metaforen de stervende kan spreken... Wat het perspectief van naasten en zorgverleners betreft, ligt de nadruk op het afstemmen op de behoeften en innerlijke wensen van de stervende, ook via non-verbale communicatie. Meermaals wordt de lezer aangemoedigd om gevoelens of gedachten van de stervende ernstig te nemen, zonder ze meteen weg te sussen. Op deze wijze kan het verdriet samen gedragen worden.

Auteur Jacinta van Harteveld werkt als onderzoeker, leidinggevende en docent in de (palliatieve) zorg. Ze is ook coördinator van een hospice, een huiselijk ingerichte instelling die zich in de terminale zorg specialiseert, en rouwbegeleider. Haar eigen praktijkervaringen bracht ze samen met de observaties van verpleegkundigen, artsen en vrijwilligers werkzaam in de hospice in Leiden. Vanuit deze achtergrond kwam het boek 'Leven in het zicht van de dood' tot stand. Zo is er veel aandacht voor de ervaringen van gasten in de hospice, waarin voor mij de sterkte van het boek gelegen is.

'Leven in het zicht van de dood' geeft inzicht in de beleving van het stervensproces. Bovenal biedt het boek inspiratie om met kennis en fijngevoeligheid kwaliteitsvolle (mantel-)zorg te bieden in de terminale fase.

Inge Neyens


top

17 en zwanger. Van tiener naar volwassene in 9 maanden?

Ellen Van Stichel & Katleen Alen, 17 en zwanger. Van tiener naar volwassene in 9 maanden?, Tielt, Uitgeverij Lannoo nv, 2011, 243 blz.
ISBN 978-90-209-9969-3

Ellen Van Stichel en Katleen Alen zijn stafmedewerker bij Fara, het vroegere Centrum voor Relatievorming en Zwangerschapsproblemen (cRZ), een expertisecentrum rond ongeplande zwangerschap, abortus, tienermoeders en keuzes die te maken hebben met prenatale diagnose. Ze begeleiden jaarlijks heel wat tienermoeders.

Het zal je maar overkomen: zwanger worden terwijl je zelf nog als een kindt wordt gezien. Jaarlijks worden er in Vlaanderen ongeveer 2500 tienermeisjes zwanger. Ze komen vaak met een heleboel vragen zitten als ze het nieuws te horen krijgen. Hoe reageert de omgeving? Wat zullen 'de mensen' denken? Wat is de juiste beslissing in deze specifieke situatie?

Het boek is zo opgebouwd dat het de stadia van de zwangerschap volgt tot na de geboorte. Een eerste hoofdstuk gaat over de ontdekking van de zwangerschap, het volgende over de reactie van hun partner, ouders en vrienden. In dit tweede hoofdstuk worden ook ouders van de tienermoeders aan het woord gelaten. Hoofdstuk drie gaat over de beslissingsfase die jonge ouders doormaken. Worden alternatieven als adoptie, pleegouderschap of abortus overwogen? Of is men er meteen van overtuigd om het kindje te houden? De volgende hoofdstukken handelen respectievelijk over de zwangerschapsbeleving en de bevalling(-sstress). In een zesde hoofdstuk wordt het prille (groot-)ouderschap besproken, evenals de hierbij horende praktische beslommeringen. Het voorlaatste hoofdstuk handelt over de relatie tussen tienermama en tienerpapa. Vormen ze nog steeds een koppel? Hoe heeft de komst van een kind hun relatie beïnvloed? In dit laatste hoofdstuk kijken 'oudere' tienerouders terug op hun keuzes van toen, hun leven nu en hun toekomst. Jongere tienerouders bespreken hoe zij hun toekomst zien evolueren, wat ze zeker nog willen doen, wat zal moeten wachten, enzovoort. Elk van deze acht hoofdstukken heeft bovendien een leuke titel, zoals 'Een bolle buik in een korset of fier vooruit?', wat de nieuwsgierigheid om verder te lezen extra prikkelt.

Het is een belevingsboek waar door middel van getuigenissen een verscheidenheid aan betrokkenen aan het woord gelaten wordt: tieners die nog zwanger of net bevallen zijn, vrouwen die ondertussen al oma zijn, vriendinnen en ouders van tienermoeders enzovoort. Op deze manier wordt er een realistisch en genuanceerd beeld van het tienerouderschap geschetst, waar ook aandacht geschonken wordt aan adoptie en pleegzorg.

De leuke kaft maakt het boek aantrekkelijk: aan een waslijn hangen schoenen van een tiener, met daarnaast ongeveer dezelfde schoenen in baby-formaat. Het boek is vlot geschreven en doordat de getuigenissen in italics gedrukt zijn, springen ze in het oog. Hier en daar zijn in het boek tevens mooie zwart-wit foto's terug te vinden.

Evelien Luts


top

Recensies voor Rondom Gezin – 2012

Hemel en aarde huwen. Ecospiritualiteit en zorg voor de schepping

Marcelo Barros, Hemel en aarde huwen. Ecospiritualiteit en zorg voor de schepping, Averbode, 2010, 208 p.
ISBN 978 90 317 2974 6

Marcelo Barros, benedictijn, is een van de boegbeelden van de bevrijdingstheologie en –spiritualiteit in Brazilië. Hij is ervan overtuigd dat de milieucrisis een kritieke grens nadert en dat de mensheid zowel in materieel-ecologisch opzicht als op spiritueel vlak een nieuwe richting moet uitgaan. Dit geldt zowel voor de persoonlijke levensstijl van individuen als voor het beleid van kerken en sociale, economische en politieke instellingen. Aan al wie met de aarde begaan is wil hij met dit boek een ecospiritualiteit bieden. Deze spiritualiteit ziet hij als het verdiepen van de liefde voor alle leven, waarbij men God kan ontmoeten als Geest van leven. In zijn visie brengt hij elementen uit diverse tradities samen: de Bijbel, de bevrijdingstheologie, de inspiratie van verschillende godsdiensten, de 'Moeder aarde'-spiritualiteit van volkeren in Latijns-Amerika… Barros vindt het hoopgevend dat wereldwijd een groeiend aantal mensen en groepen geïnteresseerd is in het ontwerpen en verdiepen van een ecologische spiritualiteit. Zelfs de christelijke kerken, die eeuwenlang de indruk wekten geen verband te leggen tussen Gods scheppingsdaad en zijn reddend handelen in de geschiedenis, hebben zich de laatste decennia in dit vraagstuk verdiept. Barros realiseert zich dat de Bijbel misbruikt is geworden om een overdreven uitbuiting van aarde te verdedigen; daartegenover doet hij de Bijbel lezen als een permanente roeping van het universum om een gemeenschap van liefde en een weg naar leven te zijn.
Het resultaat van Barros' veelzijdige aanpak is een brede visie. De klimaatverandering confronteert ons met een ecologisch probleem dat het nodig maakt de waardigheid van aarde, lucht en water te herstellen. Maar de wereldwijde context waarin zij plaatsvindt, schept ook een reusachtig menselijk probleem van rechtvaardigheid en vrede. Want de arme landen zullen het meest te lijden hebben van de ecologische crisis.

Marcelo Barros brengt een uitdagende visie. Niet iedereen zal met zijn standpunten akkoord gaan. Sommigen zullen vinden dat hij in zijn waardering voor de 'Moeder aarde'-spiritualiteit en voor Oosterse godsdiensten te dicht bij pantheïsme komt. Anderen zullen van mening zijn dat hij te streng is wanneer hij op ethische gronden het gebruik van genetisch gemodificeerde planten afwijst, omdat er nog geen definitieve conclusies zijn over de gevolgen ervan voor de omgeving en omdat de winst ervan eerder naar de multinationale ondernemingen gaat dan naar de armen van de wereld. Zijn 'programma voor de toekomst' is alvast behartigenswaardig: door ecologische vorming de aarde grondig kennen; de aarde als levensbron beschermen en aantrekkelijk maken en haar bevrijden van haar lot als handelswaar; sociale ontwikkeling. Om dit programma te realiseren is volgens Barros voor de kerken een belangrijke rol weggelegd.

Frans Hitchinson

Meer informatie over dit boek vind je op de website van Uitgeverij Averbode top

Leven aan de grens. Reflecties op terminale zorg

Marinus van den Berg en Carlo Leget, Leven aan de grens. Reflecties op terminale zorg,Ten Have, 2011, 176 p.
ISBN 978-90-2596-153-4.

In vijfentwintig brieven verhaalt pastor en geestelijk verzorger Marinus van den Berg openhartig hoe rouw, sterven en dood op zijn levenspad komen. Hij richt zich tot theoloog en ethicus Carlo Leget die telkens een brief terugschrijft. In het verpleeghuis en het hospice in Rotterdam waar van den Berg werkzaam is, gaat het voor patiënten en al wie hen omringen letterlijk om (over-)leven aan de grens. Zorgverleners zetten zich in zodat patiënten waardig kunnen sterven. Paradoxaal genoeg ervaren zij hoe het denken in termen van instrumentele en economische rationaliteit het zorglandschap steeds meer domineert. Dit heeft gevolgen voor de wijze waarop mensen sterven. Van den Berg schrijft zijn ervaringen hierover dagelijks neer.

Marinus van den Berg is een veelgevraagd spreker en auteur van verschillende succesvolle boeken over sterven en rouw. Carlo Leget is universitair hoofddocent Zorgethiek aan de Universiteit van Tilburg. Hij schrijft over stervenskunst en is internationaal betrokken bij de ontwikkeling van spirituele zorg in de laatste levensfase.

Van den Berg vertrekt steeds vanuit concrete ervaringen, vanuit ontmoetingen met mensen en hun verhalen. Thema's als vergeving, tijd, waardig sterven, chronische zorg, taboes, innerlijke ruimte, privacy, lichamelijkheid en euthanasie komen aan bod. Hij plaatst vraagtekens (bv. is er een verdriet dat nooit verdwijnt?), oppert kritische bedenkingen (bv. over de idealisering en de romantisering van de stervende die zich verzoent met de dood) en houdt een pleidooi voor aandacht, eerlijkheid, vertraging en oprechte betrokkenheid. Carlo Leget reflecteert op deze brieven vanuit een ethische invalshoek. Pasklare antwoorden formuleert hij niet, veeleer gaat hij dieper in op bepaalde aspecten uit van den Bergs notities. Dit maakt de inhoud enkel nog rijker en bevestigt impliciet zijn pleidooi voor aandacht voor de meerzinnigheid van de betekenis van dingen. Voor de lezer is het duidelijk dat de auteurs zich op dezelfde golflengte bevinden.

Zowel Leget als van den Berg schrijven in een heldere en beeldrijke taal, waarbij ze niet nalaten om naar andere auteurs te verwijzen. De korte brieven met bijhorend antwoord kunnen afzonderlijk gelezen worden, zodat de lezer zijn of haar eigen tempo kan bepalen en de inhoud tot zich kan laten doordringen.

'Leven aan de grens' beschouw ik als een hartverwarmend boek. Het is een verademing om te lezen hoe de auteurs op een bescheiden, kritische en authentieke wijze stilstaan bij een menswaardige en hartelijke terminale zorg, waarbij ze bijzondere aandacht hebben voor de spirituele zorg. Een aanrader voor alle pastores, zorgverleners, familieleden en vrienden die net als de auteurs bekommerd zijn om kwaliteit van zorg, in het bijzonder aan de grens van het leven.

Inge Neyens top

Blijf van m'n ouders af! Als je thuis problemen hebt

Rieneke Klok & Gijsbertje Smaal-Zwaan,Blijf van m'n ouders af! Als je thuis problemen hebt, Zoetermeer, Uitgeverij Jes!, 2009, 61 blz.
ISBN 978-90-239-2312-1

Rieneke Klok, psycholoog, en Gijsbertje Smaal, creatief therapeut, werken samen bij Eleos. Ze werken voornamelijk met jongeren tussen 14 en 25 jaar. Ze leerden elkaar kennen toen ze samen KOPP-cursussen gingen geven (KOPP: Kinderen van Ouders met Psychiatrische Problemen) en schreven samen dit zelfhulpboek.

Het boek telt dertien hoofdstukken met elk een zin of vraag als titel. De hoofdstukken kunnen los van elkaar en in een willekeurige volgorde gelezen worden. Bij elk hoofdstuk staat er een duidelijke uitleg, aangevuld door citaten van jongeren. De tekst lijkt nooit langdradig omdat er gewerkt wordt met aparte kadertjes en ondertitels. Aan het einde van elk hoofdstukje staat een 'gereedschapskist'. Op deze pagina's kan je aan de slag met het thema van het hoofdstuk en dit toepassen op je eigen leefwereld en situatie en meer over jezelf te weten komen. Zo kan je bijvoorbeeld testen of je goed bent in voor jezelf opkomen, invuloefeningen, een beeldende oefening om je sociaal netwerk in kaart te brengen en tekenopdrachten.

Blijf van m'n ouders af! is een praktisch boek met veel informatie, oefeningen en tips. Het is geschreven voor jongeren met (een) ouder(s) met psychische problemen. Jongeren die dit boek lezen, zullen meer begrijpen over KOPP en zullen zich gesteund voelen als ze zelf in een gelijkaardige situatie zitten. De situaties en de citaten zullen dan ook bekend voorkomen bij veel lezers. In dit zelfhulpboekje komen allerlei vragen aan bod: Ligt het aan mij dat er steeds ruzie is thuis? Zijn de problemen van mijn vader erfelijk? Is het normaal dat mijn broer en ik anders reageren op de situatie? Wat moet ik met al die gevoelens? Op het einde van het boekje wordt er een godsdienstige boodschap in de vorm van een wens aan gekoppeld, wat voor gelovige jongeren een extra hart onder de riem kan zijn. De keerzijde van de medaille is dat hierdoor niet-gelovige jongeren misschien zullen afhaken. Bij deze jongeren kan het beter zijn om hen niet naar God te verwijzen, maar naar hun directe omgeving, waar ze in het boek ook duidelijk iets mee doen.

Het is een heel toegankelijk boek dat trendy vormgegeven is. De titels van de verschillende hoofdstukken hebben telkens een andere kleur, er wordt gewerkt met foto's, tekeningen en aparte kadertjes voor de citaten. Dit alles maakt dat het een fijn boekje is om te lezen, dat jongeren zeker en vast aanspreekt.

Evelien Luts


top

Een blauwe plek op je ziel. Over de liefde van een moeder voor haar (pleeg)kinderen

Frieda Flens-Meijer, Een blauwe plek op je ziel. Over de liefde van een moeder voor haar (pleeg)kinderen, Utrecht/Antwerpen, Immerc bv, 2010, 158 blz.
ISBN 978-90-6611-669-6

Frieda Flens-Meijer (1947) is getrouwd met Herman en moeder van twee dochters en een zoon. Tricia, hun jongste dochter, kwam ruim dertig jaar geleden in hun gezin als pleegdochter. Toen duidelijk werd dat haar biologische moeder nooit voor haar zou kunnen zorgen, werd Tricia door Flens-Meijer en haar echtgenoot geadopteerd. De auteur schreef destijds een dagboek voor haar pleegdochter, als herinnering aan haar eerste levensjaren. Als reactie op een prijsvraag stuurt Flens-Meijer een stukje van dit dagboek in, waarna ze de tweede prijs wint. Nadat een geïnteresseerde uitgever haar benaderde, kwam het boek "Een blauwe plek op je ziel" uit.

Na een algemene inleiding volgt het levensverhaal van de auteur. Ze heeft het over de jeugd van haar ouders, haar eigen jeugd en hoe ze haar partner leerde kennen. Ook de geboorte van haar kinderen en de ontmoeting met Tricia komen aan bod. Daarna wordt overgegaan naar het eigenlijke dagboek. Per jaartal worden ontroerende en lachwekkende verhalen van Flens-Meijers gezin besproken, met een extra focus op Tricia. Door de manier waarop de auteur de verhalen beschrijft, is er weinig inlevingsvermogen nodig om helemaal in het verhaal mee te gaan. Het boek schetst niet alleen leuke anekdotes over Tricia's kindertijd, maar ook de moeizame weg om het contact met de biologische moeder van Tricia in tact te houden en de onzekerheden van een pleegmoeder, die alles zo goed mogelijk wil doen. Dingen die bij haar eigen biologische kinderen vlot gingen en bij haar pleegdochter extra zorg vragen. Aan het einde van het boek vertelt Flens-Meijer het verdere verloop van het verhaal van haar gezin, waarbij haar kinderen het huis verlaten en een eigen gezinnetje stichten.

Het boek is recht uit het hart geschreven en heel duidelijk en gevoelig verwoord. Bij het lezen van het boek wordt al snel duidelijk dat de auteur een onvoorwaardelijke liefde voor haar kinderen koestert. Het is een uniek en bijzonder boek waar andere pleeg- en adoptiegezinnen zeker en vast een houvast aan zullen hebben.

De lay-out van het boek is zeer verzorgd: de stukken dagboek zijn in italic gedrukt en er is gewerkt met titels en ondertitels. Hierdoor leest het boek zeer vlot en doordat het een zodanig meeslepend verhaal is, is het moeilijk om te stoppen met lezen. Het is een zeer inspirerend en boeiend boek voor iedereen die in contact komt met gelijkaardige situaties of er aan denkt om een ander kind te omarmen.

Evelien Luts  top

Is de kerk nog te redden?

Hans Küng, Is de kerk nog te redden?, Ten Have, 2011, 254 p.
ISBN 978 90 259 6166 4

Küng verklaart zelf dat hij dit boek liever niet had geschreven, omdat het niet aangenaam is zo een kritische publicatie te wijden aan de kerk die ondanks alles toch de zijne blijft. Zijn liefde voor zijn kerk noopt hem tot een scherpe diagnose én een gedurfde therapie. Want hij vindt de katholieke kerk doodziek.

In zijn diagnose schetst Küng in hoofdtrekken de kerkgeschiedenis, met bijzondere aandacht voor die van de laatste vijftig jaar. Hij tracht aan te tonen hoe de Kerk doorheen de eeuwen haar machtssysteem heeft opgebouwd. Hij schildert hier duidelijk met de grove borstel en laat de vrije loop aan zijn verontwaardiging; sommigen zullen hier vaak wat nuancering missen. Hij blijft wel trouw aan de Kerk van Petrus en Paulus en zet zich met klem af tegen hedendaags gnosticisme en ketterij. Küng verwerpt het kerkelijk juridisme en het clericalism en gaat vooral in tegen het machts- en waarheidsmonopolie waarin velen in de hogere leiding van de Kerk zich gevestigd hebben en waarmee hij persoonlijk in aanvaring is gekomen. Tussendoor komt Vaticaanse hofintriges, financiële schandalen en de pedofiliecrisis ter sprake en vereffent de auteur wat oude rekeningen met zijn gewezen collega-theoloog Ratzinger en met enkele Duitse bisschoppen.

Na de diagnose ontwerpt Küng een therapie, waarvan hij en anderen al vroeger elementen hebben beschreven. Volgens hem zijn deze maatregelen nodig: afzien van autoritaire systemen; geen zelf gefabriceerd kerkrecht maar dat van de Bijbel; voeling houden met wat leeft in de kerkgemeenschap; een volgens het evangelie hervormde Romeinse curie; glasnost en perestrojka voor de kerkelijke financiën; de inquisitie niet hervormen maar afschaffen; alle vormen van repressie opheffen; priesters en bisschoppen toestaan om te huwen; vrouwen toegang geven tot alle kerkelijke ambten; geestelijkheid en leken bij de bisschopskeuze opnieuw inschakelen; tafelgemeenschap van katholieken et protestantse christenen; echte oecumenische toenadering en samenwerking; afstand nemen van het eurocentrisme… Als de Kerk zich in deze punten richt op de tijdsgeest en de wensen van haar gelovigen is zij volgens Küng nog te redden.

Velen zullen zich in de diagnose en de voorgestelde therapie van dit boek herkennen. Anderen zullen zich ergeren en sommigen zullen iets anders verwacht hebben. De voorstellen van Küng slaan duidelijk op de structuren en het management van de Kerk. Maar in het huidig geestelijk klimaat zijn heel wat mensen op zoek naar een eigen spirituele identiteit en een persoonlijke godsrelatie, vaak zoekers gefascineerd door buitenchristelijke filosofische en spirituele ideeën. Dit boek schenkt minder aandacht aan pogingen en methodes om het christelijk geloven voor deze mensen aantrekkelijk te maken. Maar Küng blijft ervan overtuigd dat het christendom een doorleefde gemeenschap kan zijn van geloof, hoop en liefde in navolging van Christus. Wie godsvertrouwen heeft, kan zich ook in volle zee wagen. Hij weet dat stormen hem niet zullen vernietigen.

Frans Hitchinson


top

Mijn eerste communie. Gebeden voor het leven

Sophie Piper en Angelo Ruta, Mijn Eerste Communie. Gebeden voor het leven, Kampen, Kok, 2011, 64 p.
ISBN 978 90 435 1839 0

Voor dit boekje heeft Sophie Piper mooie gebeden geschreven. De taal is eenvoudig en past bij de leeftijd van de meeste kinderen die hun eerste communie doen. Een groot deel van de gebeden is op de bijbel geïnspireerd. De belangrijkste thema's zijn: schepping, geloof, hoop en liefde, christelijke levenshoudingen, eucharistie, vergeving, vertrouwen, kind van God zijn. De woordenschat sluit zowel bij het Vlaamse als bij het Noordnederlandse taalaanvoelen aan. Het Onzevader is evenwel niet in de Vlaamse maar enkel in de Noordnederlandse versie opgenomen. De teksten zijn mooi en zacht geïllustreerd door Angelo Ruta.
Een waardevol gebedenboekje, ook voor na de eerste communie.

Frans Hitchinson

Meer informatie over dit boek vind je op de website van Uitgeverij Kok

Over Thomas

Thomas is een interactief platform voor actieve samenwerking tussen alle leerkrachten (r.-k.) godsdienst van alle onderwijs- netten in Vlaanderen.

Partners

Katholiek Onderwijs Vlaanderen (voorheen VSKO) IDKG Faculteit Theologie en Religiewetenschappen logo